Publicaties

  • All
  • Latijn
  • Overig
  • Publicatie Huygens ING
  • Publicatie Website
  • Stadsbeschrijving

Publicaties

0200_1_00r_D

Volledige inhoudsopgave:

1. Register, rakende eenige oude gebieden, ordonnantie, sententie ende geheugenisse dese stede van der Gouda
Register bevattende afschriften van diverse stukken met betrekking tot Gouda en omgeving, o.a. betreffende het rechtsgebied, z.d. (aangelegd na ca. 1650, bijgehouden tot ca. 1656). -- 1 deel
Voorin een inhoudsopgave van de hand van de afschrijver. Voor een specificatie van de afschriften: zie de hierna opgenomen volgnummers. Indien hierbij (in een noot) geen bijzonderheden zijn vermeld, bevat het register geen aanwijzingen over de herkomst van een afschrift. Voor de datering, zie o.a. fol. 45r.
Bevat:
(1) Aantekeningen betreffende de heren van het land van Stein en de oorsprong van het klooster, opgemaakt, 1530 en z.d. --- Uittreksel uit een register (cartularium?), bijgehouden in het klooster van de regulieren van Stein.
(2) Rapport van Adriaen Claessen van Goutswaert, mr. Adriaen Cool en Jan Florisz de Jager, resp. burgemeester, schepen en secretaris van Gouda, over de (juridische) zeggenschap van Gouda over Bloemendaal, 22 november 1612.
(3) Aantekening betreffende het verzoek van Adriaen Cornelis Coop om akten met betrekking tot een tuin in Bloemendaal, onder overlegging van een oude akte, bezegeld door o.a. twee Goudse schepenen, 5 juni 1615. --- Uittreksel uit het 'kamerboek'; is echter in OA Gouda inv.nr. 93 niet te vinden.
(4) Besluit van het stadsbestuur van Gouda, inhoudende dat de Lazarussteeg en de Goudkade, alsook de andere gebieden die vóór 1572 tot de 'voorstad' behoorden, onder het rechtsgebied van Gouda vallen, dat eventueel foutief gepleegde rechtshandelingen (d.w.z. buiten Gouda om) zullen worden hersteld en dat de secretaris van Broek, Thuyl en Bloemendaal zich aan dit besluit dient te houden, 12 november 1611. --- Uittreksel uit het 4e stadsregister (OA Gouda inv.nr. 332, fol. 89).
(5) Rapport van de meting door Hendrick Cornelisz Vosch, landmeter, in tegenwoordigheid van Adriaen Jansz en Jan Florisz, resp. burgemeester en secretaris van Gouda, van het rechtsgebied van Gouda voor zover het de lengte langs de Hollandsche IJssel betreft, 17 augustus 1612. --- Uittreksel uit het 4e stadsregister (OA Gouda inv.nr. 332, fol. 153).
(6) Verklaring van mr. Barent Rijnenburgh, landmeter te Gouda, ten overstaan van notaris Cornelis van der Hoeff te Gouda, dat hij uit een aantekenboek van een landmeter te Alkmaar de aantekening had overgenomen, dat op verscheidene plaatsen in Utrecht, Noord-Holland, Friesland en Vlaanderen de roede 18 voeten meet en ook gaarde genoemd wordt, maar dat tegenwoordig meestal roeden van 12 voeten voorkomen, voorts dat hij tijdens het 12-jarig bestand in Vlaanderen land heeft verkocht tegen 18 voeten de roede gerekend, 25 oktober 1623.
(7) Akte waarbij het stadsbestuur van Gouda aan het Catharinagasthuis de stadskraan aan de Oosthaven (tegenover het gasthuis) en de stadssteenplaats (steenbakkerij) buiten de Dijkspoort (maar binnen het rechtsgebied van de stad gelegen) in eigendom en vrij gebruik geeft, 18 oktober 1429. --- Vooraf gaat een aantekening betreffende de ligging van de steenplaats, waaruit moet blijken, dat het rechtsgebied van Gouda zich uitstrekte tot voorbij de "nieuwe Cortackeren".
(8) Akte waarbij Samson Claessen verklaart aan Hendrick Meelissen vier Engelse nobels per jaar schuldig te zijn wegens erfpacht van een stuk land gelegen tussen de Tiendeweg en de 'Wilneswegh', 24 januari 1395. --- Met een aantekening dat de originele akten (1.08 t/m 1.10) nu berusten onder Hendrick Dirckxz. Vossenburch en betrekking hebben op de tuinen van de Kluizenaarskade.
(9) Akte waarbij Hendrick Meelissen verklaart Samsom Claesz te vrijwaren van alle aanspraken betreffende het stuk land tussen de Tiendeweg en de 'Willenswegh' dat hij hem in erfpacht heeft verpacht, 24 januari 1395.
(10) Akte waarbij Jan Claesz, Volphert Jacobsz en Hendrick Lyclaessen verklaren aan Samson Claessen twaalf roeden land met een windmolen en huis vanaf de Tiendeweg noordwaarts in erfpacht verpacht te hebben voor een Engelse nobel per jaar, 11 augustus 1400.
(11) Aantekening betreffende de overdracht van de helft van een windmolen en een huis met elf hond land daarachter, gelegen buiten de Tiendewegspoort, door Daniel Huygen Snellen aan Cornelis Jacobsz van Cortgeen, 14 maart 1520. --- Uittreksel uit het 'eigenboek'.
(12) Akte waarbij Marchjen Jacobs Heyndricks dochter verklaart dat haar broer Dirck Jacob Hendrickxsz namens haar de helft van 6 1/2 morgen land in Broekhuizen heeft verkocht, 11 september 1499 (authentiek afschrift van 1623).
(13) Artikelen uit een memorie (juridisch betoog) overgeleverd aan het hof van Holland (?) door Anthonis Cloots, baljuw en schout van Gouda c.a., en het stadsbestuur van Gouda, gedaagden in het proces in hoger beroep tegen Gillis Ariens Benscooper en het stadsbestuur van Rotterdam, dienende om te bewijzen, dat baljuw en stadsbestuur van Gouda altijde bestuurlijke rechten hebben uitgeoefend in Broekhuizen, Broek, Thuyl en 't Weegje, z.d. (ca. 1633).
(14) Akte waarbij Cornelis Jacobsz, priester, en Cornelis Gillissen, deken, op verzoek van de burgemeesters van Gouda verklaren, dat zij in hun jeugd hun ouders en anderen dikwijls hebben horen zeggen, dat de parochiekerk van Gouda op een half kwartier lopen buiten de stad heeft gestaan, op het z.g. "oude kerkhof", waar ook enkele huizen stonden. Voorts dat daarvan nog onlangs de fundamenten gevonden zijn en dat jaarlijks een processie daarheen wordt gehouden, waaraan zij zelf al vele jaren hebben deelgenomen. 21 april 1569.
(15) Akte waarbij Pieter Pietersz, Cornelis Meessen, Isbrant Michielsz, Hendrick Adriaensz, Pieter Jansz, Augustijn Hercks, Gerrit van Wieringen, Jan Thomassen, Cornelis Willemsz, Isbrant Jansz en Gerrit Jacobsz, (bejaarde) poorters van Gouda, op verzoek van de burgemeesters van Gouda een identieke verklaring afleggen als in de voorgaande akte (varia 1.14), met toevoeging, dat zij ook hebben horen vertellen, dat later in verband met de betere ligging ten opzichte van de scheepvaartroute de huidige stad voor woningbouw is verkozen boven het gebied rond het oude kerkhof, 21 april 1569.
(16) Akte waarbij graaf Willem V Jan van Blois beleent met alle gebieden en rechten die zijn oom Jan van Beaumont van de grafelijkheid in leen heeft; met aantekeningen dat de heer van Beaumont en anderen een schriftelijke verklaring van de graaf van Blois zullen overleggen, waarin deze afstand doet van zijn rechten op het bovengenoemde leen en dat zij Ghyote van Blois afstand zullen laten doen van zijn rechten wanneer hij meerderjarig geworden is, 3 januari 1355. --- Uittreksel uit een register, getiteld "Diversche chartren ende hantvesten ende privilegiën, met veel meer andere besoingnes van hooger loffelijcker memorie d'eerste hertoge Willem van Beyeren ..., gevallen binnen den tijt van zijn gouvernement aldaer in den jare 1354, 55, 56 en 57", berustend in een kist in de burgemeesterskamer te Gouda.
(17) Aantekeningen betreffende de graven van Blois, heren van Gouda en Schoonhoven. xxx. --- Uittreksel uit het privilegeboek E.
(18) Aantekeningen betreffende het overlijden van graaf Guy van Blois, zijn zoon Lodewijk van Dunois en hertog Albrecht van Beieren. xxx --- Uittreksel uit 'seecker out register der stede van der Goude ... geteeckent No. 1', waarop stadssecretaris Johan Florissen de Jager een index heeft gemaakt.
(19) Uittreksel uit een akte van keizer Karel V, waaruit blijkt dat Gouda in de opsomming (rangorde) van de z.g. stemhebbende Hollandse steden vóór Amsterdam werd genoemd, 1531. --- Uittreksel uit het tweede stadsregister van Amsterdam, tevens geregistreerd in het derde stadsregister van Gouda (fol. 92v).
(20) Vonnis (van de schepenbank van Gouda), waarbij Dirck Hoeck, die ongehoorzaam was geweest jegens de landsheer (aartshertog Filips de Schone) en de stad, veroordeeld wordt tot een geldboete waaruit twee gebrandschilderde ramen van het stadhuis zullen worden bekostigd, waarin zijn misdrijf zal worden opgetekend, en een bedevaart naar O.L.V. ten Inheel (= Halle?); met een aantekening dat deze ramen 'tegenwoordig' (d.w.z. ten tijde van het aanleggen van dit register) nog in de schepenkamer aanwezig zijn en met de tekst van het gedichtje, 1501. --- (Ged.) uittreksel uit het "criminele correctieboeck".
(21) Besluit van landvoogdes Maria van Hongarije, dat de jaarlijkse vervanging van de "wet" (schepenen en burgemeesters) van Gouda vanwege de slechte begaanbaarheid van de wegen in de winter voor de stadhouder of zijn gemachtigde, voortaan in plaats van op 1 januari op 16 mei dient plaats te vinden en dat de zittende stadsbestuurders tot 16 mei 1547 hun ambt dienen uit te oefenen; 1 februari 1546. Met een begeleidende brief van het hof van Holland aan kastelein en stadsbestuur van Gouda, 18 december 1546.
(22) Aantekening betreffende de onthoofding van Pieter Claesz in 1416. Pieter Claesz was verbannen en was toch zonder toestemming van de landsheer of het stadsbestuur de stad binnengekomen en had daar een deur met geweld opengebroken en potten en deksels kapotgestoten. De baljuw heeft Pieter C. kennelijk in Schiedam gearresteerd en eist verbeurd verklaring van zijn leven en goederen. Schepenen verwijzen de zaak door naar de vroedschap, die de zaak verwijst naar de Leidse schepenbank (hofvaart); Leiden wijst de eis van de baljuw toe. De onthoofding vindt plaats op 5 januari 1417. --- Ontleend aan Guicciardini, Descrittione di tutti i Paesi Bassi (fol. 368? - zie fol. 25v)
(23) Aantekening over de strijd van gravin Jacoba van Beieren met hulp van o.a. de stad Gouda tegen de Bourgondiërs in 1426. --- Ontleend aan Guicciardini (zie varia 1.22), fol. 368
(24) Aantekening betreffende de samenstelling van de bede die hertog Karel de Stoute bij zijn inhuldiging in Den Haag aan Holland oplegt en de verdeling daarvan over de zes grote steden, 1468.
(25) Staat van de aantallen haardsteden in de Hollandse steden (ten zuiden van het IJ), 1515. --- Ontleend aan de beschrijving van Leiden door J.J. Orlers, 1641 (fol. 52 en 53).
(26) Aantekening betreffende de inhuldiging van aartshertog Philips de Schone in Gouda, met de tekst van de eed van de inwoners en de eed van de landsheer, 1497. --- Ontleend aan het privilegeboek, fol. 2.
(27) Aantekening betreffende het aantal altaren in de St.-Janskerk en de grote brand van de kerk op 12 januari 1552; met een gedicht door Michiel Cornelisz Vlack over die brand (aanwezig vóór het koor, dat gespaard bleef).
(28) Aantekening betreffende de verbranding van Faes Dirckz., stoeldraaier xxx, wegens wederdoperij; met het vonnis dat in deze zaak werd gewezen, 1570.
(29) Aantekening betreffende het recht van de wind (d.w.z. het recht om molens te plaatsen), door de stad Gouda gekocht van heer Jan van Beaumont, 1353. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(30) Aantekening betreffende het privilege van hertog Philips de Goede, dat eern poorter van Gouda bij doodslag zijn leven verbeurt, maar zijn verbeurde goerderen mag vrijkopen, 1451. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(31) Aantekening betreffende het privilege van graaf Jan van Blois dat een wettig getrouwde poorter van Gouda niet meer kan verbeuren dan zijn leven en de helft van zijn goederen; in een dergelijk geval mag men voorts niets eisen van bloedverwanten die verder verwant zijn dan achterneven en -nichten, 1374. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(32) Aantekening betreffende de koop (deels: pacht) van het marktveld van graaf Guy van Blois en de vergunning om een hal, raadhuis, wanthuis en vleeshuis zonder belendingen daarop te bouwen, 1395. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(33) Aantekening betreffende de uitbreiding van het rechtsgebied van Gouda met een kwart mijl door keizer Maximiliaan en aartshertog Philips de Schone, tegen betaling van 600 £, 1484. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(34) Aantekening betreffende de machtiging van koning Philips II, dat de terechtzittingen van de vierschaar (rechtbank) van Bloemendaal in Gouda moeten worden gehouden, 1561. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(35) Aantekening betreffende de vergunning van keizer Karel V om een verlaat te bouwen achter het Leprooshuis (= het Moordrechtse verlaat), dat uitkomt op de stadsgracht (= de Turfsingel), te onderhouden op kosten van de stad en waarbij de stad de passerende schepen een heffing mag opleggen, 1525. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(36) Aantekening betreffende de verlening van het privilege van de "scholasterie" (recht om een schoolmeester aan te stellen) door keizer Karel V, 1554. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(37) Aantekening betreffende: - de vergunning van graaf Willem VI aan de poorters van Gouda om "belastingvrij" turf te delven, uitgezonderd de betaling van morgengeld, bruggegeld en dergelijke heffingen, (1405); - de bevestiging van dit privilege door gravin Jacoba van Beieren, (1428); - de vergunning van Willem van Egmond als heer van Zevenhuizen om aldaar turf te delven, (1386); - de overeenkomst met heer Hendrik van Naaldwijk over het delven van turf in Groenswaard en Waddinxveen, enz., (1416); - het verbod van koning Philips II om de in Rijnland, Delfland of Schieland gedolven turf over de dijk in schepen die in de IJssel liggen te laden, onder verplichting deze alleen via de Gouwe te vervoeren. 1558. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(38) Aantekening betreffende de bierbrouwerij, de export van bier en het verbod aan de bestuurders van de plaatsen waarheen Gouds bier wordt geëxporteerd om dit te belasten of de invoer te bemoeilijken; voorts betreffende het verbod van keizer Maximiliaan om het bier in kleinere inhoudsmaat te leveren, z.d. en 1509. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief
(39) Aantekening betreffende de brief van koning Philips II waarbij hij het stadsbestuur bedankt voor de waakzaamheid in het voorkomen van een beeldenstorm en verzoekt dit beleid voort te zetten, en betreffende brieven van landvoogdes Margaretha van Parma over het niet toelaten van reformatorische bewegingen en de aansporing erop toe te zien dat het gewone volk niet in die richting wordt "bedrogen", 1566. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(40) Aantekening betreffende het privilege van gravin Jacoba van Beieren, waarbij voetboogschutters die per ongeluk bij het schieten in de doelen iemand verwonden, niet bestraft zullen worden, en waarbij de schutters voorts jaarlijks 40 reigers uitgereikt krijgen door de grafelijke rentmeester; voorts betreffende de vermeerdering van het aantal reigers tot 100 door hertog Philips de Goede, 1428, 1456. --- Ontleend aan het "secretarie"-archief.
(41) Akte (vidimus) waarbij hertog Albrecht van Beieren verklaart het vidimus van het stadsrecht uit 1272, door bisschop Jan van Diest in 1335 gegeven, gezien te hebben en waarbij hij de akte uit 1272 bekrachtigt, onder weergave van een uittreksel uit het vidimus van 1335, 1375. --- Een vidimus is een akte waarbij degene die de akte uitvaardigt verklaart een andere akte gezien te hebben en de tekst daarvan letterlijk opneemt.
(42) Akte waarbij aartshertog Maximiliaan en zijn vrouw Maria van Bourgondië de inhoud bekrachtigen van het privilege dat Maria in 1477 aan de stad had gegeven (en waarvan de tekst wordt weergegeven), aangezien Godevaert Clay, Kerstant Harmens., Wouter Maes en hun aanhangers tijdens hun bewind in de stad het privilege uit 1477 hebben verscheurd, 1481. Bij het privilege uit 1477, dat is gebaseerd op een akte van hertog Philips de Goede (waarbij "de veertig" als kiescollege was ingesteld), die door hertog Karel de Stoute was ingetrokken, wordt bepaald: - baljuw, gerecht (burgemeesters en schepenen) en vroedschap wordt toegestaan opnieuw een kiescollege van veertig personen samen te stellen met de taak een voordracht te doen (in de vorm van dubbeltallen) voor de jaarlijkse benoeming van burgemeesters en schepenen; - het aantal burgemeesters wordt verhoogd van twee naar vier; - "de veertig" wordt het recht van coöptatie toegekend.
(43) Akte waarbij aartshertog Philips de Schone in overleg met de staten van Holland bij zijn inhuldiging: - de oude privileges van zijn voorvaders Philips de Goede en Karel de Stoute en hun voorgangers als graven van Holland bekrachtigt; - de na de door van hertog Karel de Stoute verleende privileges hun geldigheid ontneemt; - aan enkele steden, waaronder Gouda, toestaat om de jaarlijkse vernieuwing van de "wet" (burgemeesters en schepenen) en het privilege van "de veertig" voort te zettenop de voet als zijn sinds de dood van Karel de Stoute gedaan hebben, totdat hij meerderjarig (25 jaar) zal zijn; - de staten alle schulden jegens Karel de Stoute kwijtscheldt, waarvoor aartshertoging Maria van Bourgondië reeds kwijting heeft verleend; - de eed als landsheer aflegt; - de eed van de staten van Holland in ontvangst neemt. 1494.
(44) "Copie van de XVIII" Akte waarbij de staten van Holland op verzoek van het stadsbestuur van Gouda, omdat men problemen heeft gehad in verband met het feit dat niet-vroedschapsleden na een ambtstijd als schepen in de vroedschap terecht kwamen, waardoor dat college oncontroleerbaar uitgebreid werd, besluiten: - het aantal leden van het kiescollege ("de veertig") te laten uitsterven tot 28; - tot de vergadering van de vroedschap alleen oud-schepenen toe te laten voor zover zij tot "de 28" behoren; - niemand tot "de 28" toe te laten die geen ingezetene van Holland en poorter van Gouda, alsmede 6 jaar inwoner van Gouda is en tot de gereformeerde (= hervormde) kerk behoort; - aanvulling van "de 28" door coöptatie uit de rijkste en notabelste poorters te laten plaatsvinden, die na hun benoeming tot de vergadering van de vroedschap zullen zijn toegelaten; - in plaats van een jaarlijkse voordracht van 22 personen (d.w.z. een dubbeltal) aan stadhouder of hof van Holland te laten zenden, "de 40" (en vervolgens "de 28") voortaan zelf vier burgemeesters en zeven schepenen te laten kiezen, mits de gekozenen tot de gereformeerde kerk behoren; - deze verkiezing op 1 januari te laten plaatsvinden, en de beëdiging en installatie van de gekozenen op 5 januari; - jaarlijks twee van de burgemeesters en beurtelings vier en drie van de schepenen te laten aftreden; - de burgemeesters en schepenen bij voorkeur uit "de 40" (en vervolgens uit "de 28") te laten kiezen en indien dit onmogelijk blijkt alleen iemand "van buiten" tot schepen (althans "alleenlijck tot justitie en de administratie van dien") te kiezen, zonder toelating tot de vroedschapsvergadering na afloop van zijn ambtstermijn; - bij overlijden of aanvaarding van een ander ambt in de vacante plaats van een burgemeester of schepen door de vroedschap te laten voorzien, en wel binnen twee weken, voor de verdere duur van de ambtstermijn, mits die niet korter is dan zes maanden; - voor het overige het bestaande privilege in stand te houden. In de akte wordt verwezen naar: - het privilege van hertog Philips de Goede waarbij hij "de veertig" als kiescollege instelt, met recht van toegang tot de vroedschapsvergadering, (z.d.); - de privileges van aartshertogin Maria van Bourgondië van 1477 en 1481, waarbij het privilege van Philips de Goede wordt bekrachtigd en waarbij het aantal burgemeesters wordt uitgebreid tot vier en een minimumleeftijd wordt vastgesteld voor de verkiesbaarheid tot burgemeester en schepen (dit laatste wordt als het geldende privilege beschouwd). 21 december 1650. --- Onjuiste titel; moet zijn: XXVIII ?
(45) "Van de vrijheyt van de stede Goude gebreedt een quartier mijls rontomme der stede" Akte waarbij de aartshertogen Maximiliaan en Philips de Schone de stadsvrijheid (het rechtsgebied van Gouda) uitbreiden tot een kwart mijl vanuit de muren, zodat daarbinnen o.a. overtreders en misdadigers kunnen worden aangehouden en stedelijke accijnzen (o.a. op bier) en belastingen kunnen worden geheven, 28 juni 1484. --- Het stadsbestuur had om uitbreiding tot een halve mijl gevraagd.
(46) "Van den gerechte te maecken sonder eenige beswaernisse" Akte waarbij graaf Willem VI, omdat Gouda een lening van 500 gouden Franse kronen (die hij op onderpand van "het gerecht" - d.w.z. de beschikkingsmacht over de benoeming van het stadsbestuur - had uitstaan) heeft afgelost, belooft: - het gerecht aan niemand te verpachten; - het gerecht altijd binnen de grafelijkheid te houden; - jaarlijks twee burgemeesters en zeven schepenen te benoemen; - een van de aftredende burgemeesters met de benoemingsprocedure te belasten (?), die daarvoor geen geld mag aannemen of lenen; - de baljuw te belasten met de beëdiging van de nieuwe ambtsdragers; - het stadsbestuur van het voorgaande jaar te belasten met de berechting van eventuele ambtsmisdrijven, 1414 juli 13.
(47) "Claverbroeck" Akte waarbij keizer Karel V, krachtens testament van Lodewijck van Beloys van Treslonge Raessoon, diens zoon Raes van Beloys (en) van Treslong beleent met de volgende erflenen: - een kamp land genaamd Claverbroeck bij het land van Steyn; - de helft van de helft van 44 morgen te Dijkshooren "in de Harnasch" tussen de Hof van Delft en Domproostland, 4 april 1526. Met een uittreksel uit het bedoelde testament, opgemaakt ten overstaan van notaris Fr. Johannius te Utrecht, waarbij aan zijn oudste zoon Raste (= Raes) wordt toebedeeld: - een stuk land, groot 225 morgen, buiten Gouda, genaamd 's-Gravenbroek, in pacht bij Lodewijck; - een stuk land, groot 11 morgen, te Dijkshoorn buiten Delft, maart 1500.
(48) Akte waarbij graaf Willem VI aan de stad Gouda voortaan vrijstelling verleent van de betaling van de markttollen te Woudrichem en Heusden, 30 april 1407.
(49) Verordening (z.g. Landbrief) voor het Nedersticht (= gewest Utrecht) van bisschop Arent van Hoorne, waarbij het volgende wordt bepaald. - De bisschoppen zullen geen kastelen en amb(ach)t(en) (= rechtsgebieden) in het Nedersticht meer verpanden. - Bij overlijden of vertrek van de bisschop zal elke opvolgende bisschop deze landbrief moeten bekrachtigen. - Er zullen alleen welgeboren mannen uit het Sticht als slotvoogd worden aangesteld in een kasteel of amb(ach)t. - De door de bisschop benpoemde slotvoogden en (juridische) ambtenaren xxx zullen aan de staten bij akte beloven de kastelen en amb(ach)ten waarover zij gesteld zijn, ten hoogste voor één jaar te bezwaren tegen een beperkt bedrag (of: tegen ten hoogste het bedrag van een jaarsalaris ? xxx). - De aftredende slotvoogden en ambtenaren zullen de hun toevertrouwde kastelen en amb(ach)ten niet aan hun opvolgers overdragen, voordat die de hierboven genoemde belofte hebben afgelegd. - Met inachtneming van het voorgaande, zijn de bisschoppen gerechtigd slotvoogden en ambtenaren door anderen te vervangen. - In geval de bisschopszetel vacant is, zullen de bovengenoemde beloften ten overstaan van de staten plaatsvinden ten behoeve van de nieuwe bisschop en zal vervolgens de overdracht plaatsvinden. - De bisschoppen zullen jegens iedereen het landrecht handhaven, behalve jegens de kerk en de geestelijken, die onder het kanoniek recht vallen; geen inwoner zal worden gearresteerd en van geen inwoner zullen goederen in beslag worden genomen, tenzij hij eerst door de rechter is veroordeeld. - In geval een welgeboren man in een rechtszaak partij is, zal de bisschop uitsluitend een vonnis vragen aan welgeborenen; tegen vonnissen die ten overstaan van de bisschop zijn geveld, zal alleen de veroordeelde partij in beroep kunnen komen (d.w.z. vermoedelijk bij de keizer). - De bisschoppen zullen geen oorlog voeren zonder goedvinden van de staten. - Indien de bisschoppen dit landrecht schenden, zal niemand voor hen of voor hun ambtenaren terecht kunnen staan of hun gehoorzaamheid verschuldigd zijn. - Bij overtreding door een van de slotvoogden of ambtenaren, zal de betrokkene zelf geen recht kunnen eisen van de bisschop of diens ambtenaren en evenmin zelf kunnen rechtspreken over anderen. Met een aantekening over de kosten van het opmaken van het charter, bezegeld met 45 zegels (waarvan de bezegelende partijen in het slot van de akte worden genoemd). 17 mei 1375 en z.d.
(50) Uittreksels uit de stadsrekeningen betreffende diverse uitgaven, 1453 - 1571. --- De tekst heeft ten onrechte: uittreksels "uit de rekeninghe van Dirck Dirckz, Wouter Janz, Dammes Claesz en Dirck Jacob Hendrickz", tresoriers voor het jaar 1481, want alleen de eerste post heeft betrekking op de stadsrekening van 1481/1482 (d.w.z. de rekening over de periode 1 oktober 1481 tot 2 februari 1482 = OA Gouda inv.nr. 1145, fol. 26r). ZIE: afzonderlijke specificatie.
(50.1) De verordening op "de veertig", 1481. --- ZIE: varia 1.42.
(50.2) Reis van schepenen Dirck Cuter en Volphert Dirckz. naar Leiden voor een vonnis tussen Cornelis Jansz en Wouter Maes c.s., 1453.
(50.3) Reis van Isabella van Portugal, vrouw van hertog Philips de Goede, van Gouda naar Leiden. Geschenken voor hertog Philips de Goede. Geschenken voor "onsen jongen prins" (= Karel de Stoute). Geschenk voor de nar van Isabella van Portugal. Eten en drinken voor alle vertegenwoordigers van steden van Holland die met het hof in Gouda aanwezig waren. 1456.
(50.4) Diverse onkosten aan de stadhuistoren, 1458.
(50.5) Drie nieuwe handvesten. Het bezegelen van de handvesten. Het brengen van de akte. Het schrijven van de akte. Geschenk aan de commissarissen van hertogin Maria. Vergoeding van kosten aan mr. Arent van den Beecken. Betaling aan Claes van Hanbroeck wegens ontruiming van het kasteel. Geschenk aan de commissarissen die de wet verzetten. (Berekening van de totale kosten voor het uitrusten van het oorlogsschip "De Valent"). Betaling aan Lambert Gerrits, toen de vroedschap op het stadhuis gevangen zat. 1477.
(50.6) Reis van kastelein Jan Verdussen wegens xxx zijn reis xxx naar Brugge om te spreken met de prins van Oranje en de graaf van Nassau. 1480.
(50.7) (Berekening van de uitgaven aan "ruytersgelt"). Reis van Arjen Gerritsz naar Mechelen inzake de akte van "de veertig". Betaling aan Louweris, voor een (notarieel ?) afschrift van een akte van het hof van Holland inzake Wouter Maes en de akte van "de veertig". 1482.
(50.8) Reis van Gerrit Jansz en mr. Floor wegens een vonnis. Reis van Hen(d)rick van Brouckhuysen naar Gent om het vonnis inzake Kerstant Hamensz te vernemen. Nogmaals deze reis. Betaling aan keizer Maximiliaan wegens het privilege waarbij het rechtsgebied van Gouda met een kwart mijl wordt uitgebreid; hiervoor was Dirck Jacobsz naar Brussel gereisd. 1484.
(50.9) Geschenk aan heer Jan van Cats voor zijn bruiloft. Een maaltijd geschonken aan de steden Oudewater, Schoonhoven, Montfoort en IJsselstein in verband met het uitdiepen van de IJssel. 1485.
(50.10) Reis van Wouter Jans naar Den Haag in verband met de eis van de landsheer om "de tiende man" te leveren of anders een vermogensheffing en in verband met een schikking over de belastingen, 1487.
(50.11) Reis van Dammes Claesz, burgemeester, en Jan Jacobsz naar Mechelen wegens de gevangenschap van keizer Maximiliaan. Reis van eerstgenoemde naar Den Haag inzake de vrijlating van de landsheer en het (eventueel) uitrustenvan schepen. Reis van Jacob Florissen en Dirck Jacobsz naar aartshertog Philips de Schone te Mechelen in verband met de vrijlating van diens vader. Reis van Dirck Jacobs en Dirck de timmerman naar Dordrecht om hout te kopen om de gracht mee te beschoeien. Reis van Jan Pieters naar Oudewater om berichten in te winnen in verband met de inname van Woerden. Eten en drinken voor de gezamenlijke steden ter gelegenheid van hun bijeenkomst te Gouda voor verhoor van de gevangenen. Betaling aan twee jongemannen uit de Vlist wegens het bericht dat Schoonhoven tegen de vijanden had stand gehouden. 1488. --- Ten onrechte is hier het jaartal 1448 vermeld.
(50.12) Reis van de bode van de heer van IJsselstein, die informeerde naar vijandige soldaten die zich in Gouda zouden hebben verzameld. Eten en drinken voor de stalmeester ter gelegenheid van de slag bij Kortenoord. Wijn voor de stad Delft toen deze stad in Gouda ter dagvaart was bij hertog Albrecht van Saksen. Betaling aan Coppen de grafmaker voor het begraven van de gesneuvelden in de slag bij Kortenoord. 1489.
(50.13) Reis van Rommer Claessen (in de marge staat: "ick segh Jacobs.") ter dagvaart naar Leiden om met de staten een afspraak te maken om Montfoort te belegeren. Reis van Gerrit Jan Lambertsz naar Oudewater, naar het leger voor Montfoort en vervolgens naar Schoonhoven, toen men vrede sloot met Montfoort. Reis van Willem Buysch naar Dordrecht, toen jonkheer Frans van Brederode daar gevangen genomen was; ook Jacob Florisz is daarheen gereisd om de gevangenen te zien of verhoren. Reis van Govert Dirckx en Gerrit Jan Lambertsz naar Den Haag met verzoek aan de grafelijke raad om de IJsselsluizen open te zetten. (Aantekening dat enige poorters in Antwerpen op kosten van de stad gevangen waren genomen.) Schenking (eten en drinken?) voor de steden van Holland en de stadhouder op weg naar Montfoort. Een os aan hertog Albrecht van Saksen geschonken. Een maaltijd geschonken aan kastelein Jacob van Cralingen nadat hij zijn vrouw had thuisgebracht. 1490.
(50.14) Boete ontvangen van Barent Pietersz Hopkooper wegens het heimelijk thuis brouwen van bier; met aantekening over de brouwketel die nu (ca. 1656) in het stadhuis aanwezig is, met de tekst van het vroeger daarop geschreven rijmpje over deze boete. Reis van Gerrit Dirckx en Adriaen Gerritsz Wester naar Leiden toen Haarlem door de Friezen was ingenomen. Zending van Willem Suyrmont naar Calenburgh (xxx = Culemborg of een persoon ???) te Utrecht om te waarschuwen voor kwade opzet "tot bewaernisse ingenomen was van de stede" xxx Zending van Jacob Leuwe naar Mechelen, met commissaris mr. Joost Comijn, om te Dordrecht te spreken over de schutsluizen ("spoeyen") en voorts met de commissarissen te Mechelen om kwijtschelding van straf te verwerven voor het stukslaan van "spoeyen" en kwijtschelding van belasting ("daer de schepenen in beswaren van Jonge Claes ende andere brieven van de sluysen op den IJsseldijck"). Het aanwerven van 36 huursoldaten onder Jacob Leeuw, Claes Florisz en Dirck Stempelse, toen Haarlem ingenomen was door de Friezen. Hout en turf voor een vreugdevuur voor het stadhuis t.g.v. de vredesluiting, (aan) Philips Monssieur xxx. Reis van Dirck Stempelse met 20 soldaten naar de stadhouder voor het beleg van Alkmaar en om enkele kwaadwilligen te vangen. 1492.
(50.15) Reis van burgemeester Gerrit Dircks, Dirck Claesz, Jan Hendrickx en Dirck Houck Jacobsz naar Geertruidenberg wegens de inhuldiging van aartshertog Philips de Schone, 1494.
(50.16) Schenking van twee paarden aan aartshertog Philips de Schone bij zijn intocht in Gouda. Schenking van een glas aan Jan Stalpaert in Den Haag. Vergulden van de leidsels, aankoop van breidels en ander tuig voor het paard van aartshertog Philips de Schone. Aan Faes Comans voor rood laken bij de inhuldiging van aartshertog Philips de Schone. Reis naar Oudewater toen het gerucht ging dat de Geldersen daar waren. Wagenhuur om aartshertog Philips de Schone naar Krimpen te brengen. 1497.
(50.17) Wijn voor hertog Albrecht van Saksen bij zijn bezoek aan Gouda, gekocht van Geert Geerlofs., en het stallen van paarden in de grote school aan de Markt, 1499.
(50.18) Boete opgelegd aan Dirck Hiecken om glazen voor de raadkamer (= schepenenkamer) te maken; deze glazen zijn nu nog aanwezig. Reis van mr. Pieter Winckel, onderpastoor, en Dirck Dirckx, burgemeester, naar Amsterdam en vandaar naar Leiden om de bisschop van Doornik te spreken en een aflaat van Rome (= de paus xxx ???) te verkrijgen; de eerstgenoemde was voogd geweest van Erasmus (zie de Epistolae, boek 2). Reis van Jan Jansz en mr. Jacob Mouwerisz naar Den Haag naar de (staten)vergadering over de Reis naar Spanje; Mourissen was pensionaris van de stad en een groot vriend van Erasmus (zie boven). Schenking van een maaltijd en wijn aan de nieuwe kastelein Jacob van Borsselen en zijn zoon. Schenking van een maaltijd op het kasteel toen de vrouw van de kastelein een kind gekregen had en het gerecht en de tresoriers op bezoek waren. 1501.
(50.19) Betaling van "gewetensgeld" door Barthout Elbertsz via zijn broer Gerrit Elbertsz omdat hij vroeger bij het kaatsen regelmatig de ruiten in het stadhuis ingooide, 1503.
(50.20) Mr. Frans Cobel was landsadvocaat, 1505.
(50.21) Reis van mr. Jacobus Mouwerisz naar Den Haag voor overleg met de hofmeester van de graaf van Buren om de raad te informeren dat de heer van Montfoort de IJssel met een schotdeur wilde afsluiten, 1506.
(50.22) Betaling aan een man uit IJsselstein die kwam waarschuwen dat Bodegraven in brand was gestoken. Reis van Willem Aertsz naar Oudewater om de soldaten op rooftocht uit te sturen?? xxx Pieter Feysen haalt vertegenwoordigers van alle dorpen naar Gouda om over de oorlog te praten. Reis van mr. Jacob Mourissen naar Antwerpen om een aantal soldaten voor de bewaking van het kasteel te verkrijgen. Betaling aan Dirck Stempelse wegens het inhuren van 83 soldaten die naar Oudewater werden gezonden om de stad tegen de Geldersen te verdedigen. Reis van burgemeester Arien Gerrits en schepen Jan Jacobsz met een afdeling schutters naar de stadhouder te Gorinchem. Betaling aan koster Hola Claessen wegens klokluiden t.g.v. het huwelijksverdrag van Karel (V) met prinses Mary van Engeland. 1507.
(50.23) Reis van Hendrick Govertsz, burgemeester, en Dirck Dirckx naar Bodegraven en Woerden en de Wieriken, waar de heren van de landsheerlijke raad aanwezig waren om gezamenlijk met het grootwaterschap van Woerden maatregelen te nemen tegen de dijkdoorbraak aan de noordzijde van de Oude Rijn. Reis naar Den Haag betreffende het dichthouden van de Wieriken en te bezien of men met Utrecht en Woerden zou kunnen samenwerken; opnieuw naar Bodegraven waar de commissarissen waren en verder naar Leiden. Reis naar de nieuwe vaart die men achter Moordrecht naar de Kromme Gouwe zou maken. Betaling aan Jaap Mol wegens bier en wagenhuur om het bier naar de Oude Rijn (Gouwsluis) te brengen toen de burgemeesters met de burgerij (= schutters) bij de nieuwe brug waren om de sluis dicht te maken. 1509.
(50.24) Reis van mr. Jacob Mourissen naar Mechelen voor het proces tegen Woerden over het inlaten van zout water en voorts naar de president van de Grote Raad te Antwerpen, 1510.
(50.25) Betaling aan de bode die het bericht bracht dat de Geldersen in Stolwijk waren, 1513.
(50.26) Reis naar Den Haag op verzoek van stadhouder en raad om te spreken over de gevangenen van de heer van Wassenaar, 1514.
(50.27) Reis van de kastelein, Jacob Minne, Dirck Dirckx en Barent Hendrickx naar Dordrecht voor de inhuldiging van Karel (V). Reis naar Brussel voor bekrachtiging van het privilege van "de veertig". Reis van de kastelein en Jacob Minne naar de graaf van Nassau wegens de vervanging van het gerecht. Hout en turf voor een vreugdevuur voor het stadhuis wegens het huwelijkscontract van Karel (V) met de Franse prinses, 1515.
(50.28) De Geldersen nemen Nieuwpoort in, dat door de stadhouder wordt heroverd. In Antwerpen wordt overlegd of Karel V een bestand zal sluiten met hertog Karel van Gelre. Reis naar Calais voor het sluiten van een nieuwe overeenkomst met de stapelaars van de draperie. Reis naar Den Haag om mr. Frans van Leeuwen als pensionaris te verkrijgen. 1516.
(50.29) Overleg met Delft om te verhinderen dat in de dorpen in Holland brouwerijen worden opgericht. Reis van/naar ?? burgemeester (van/naar) Utrecht met een geldsom om Jan Jansz baljuw van het land van Stein te maken. Wijn geschonken aan de stadhouder toen in Gouda de dagvaart werd gehouden. (Machtiging tot?) verordening op het afhakken van een hand. Verordening waarbij wordt bepaald dat in de omgeving van de IJssel geen bier mag worden gebrouwen, 1517.
(50.30) Reis naar Den Haag wegens de doorbraak van de Spaarndam om de Rijndijk te beschermen tegen zout water. Reis naar Schoonhoven met brandemmers wegens de stadsbrand daar. Reis naar Utrecht voor een bespreking met het kapittel van Oudmunster over de heerlijkheid van het land van Stein. Reis naar Den Haag voor overleg met de drossaard van Diest over de keuze van het nieuwe stadsbestuur. De vrouwe van Wassenaar krijgt vrijstelling van bieraccijns toen ze hierheen gevlucht was. 1518.
(50.31) Klokluiden toen keizer Maximiliaan gestorven was, 1519.
(50.32) Reis naar Gent om keizer Karel V welkom te heten, 1520.
(50.33) Reis naar Den Haag om te bestrijden dat men in Gouda alleen mondeling een rechtsgeding zou kunnen voeren, en van die verklaring een akte te verkrijgen. Een maaltijd en wijn, tevens voor het gerecht en de tresoriers, voor de nieuwe kastelein Floris van Kijfhoeck. Schenking van een raam in de kerk te Alkmaar. 1521.
(50.34) Reis van de stratemaker Jacob Gerritsz naar Delft om de galg op te meten en de verordening in te zien. Reis van mr. Dirck Hendrickx naar Den Haag om de raad te berichten over de doorbraak van de Lekdijk, 1522.
(50.35) Reis van burgemeesters Jacob Mane en Witten Govertsz en mr. Dirck Hendrickx naar Den Haag ter dagvaart inzake het bedijken van de Rijndijk en de IJsseldijk. Reis ter dagvaart naar Den Haag om een heffing (xxx ??) van ƒ 3000 per jaar te bezegelen. 1523.
(50.36) Reis naar het kapittel van Oudmunster te Utrecht om de erfpacht van het land van Stein te verkrijgen. Reis van schepenen naar Den Haag om de commissarissen te betalen wegens het verbranden van de misdadiger in de week voor Pasen. 1523 xxx = 1524 ???.
(50.37) Reis naar Den Haag op verzoek van de raad inzake "den Rhijndijck te heelen aen de IJsseldijck". Betaling aan diverse boden wegens berichten over de overwinning en de gevangenschap van de koning van Frankrijk. Klokluiden wegens de overwinning. Intocht in de stad van keizerin Isabella van Portugal. 1525.
(50.38) Reis van Cornelis Bosch naar Antwerpen om blauwe plavuizen voor het stadhuis te kopen. Reis van mr. Dirck naar de tollenaar te Schoonhoven met bevel om Goudse inwoners tolvrijdom te garanderen. Reis van mr. Dirck naar Den Haag om de school te (ver?)pachten. Betaling aan een bode wegens het bericht van de geboorte van een zoon van keizer Karel V. Een maaltijd geschonken aan de graaf van Buren toen hij daags na de grote brand in de stad was. Klokluiden wegens de geboorte van de zoon van keizer Karel V. 1527.
(50.39) Inname van Utrecht en poging om dit gewest onder jurisdictie van keizer Karel V te krijgen. Vrede gesloten tussen keizer Karel V en de hertog van Gelre, 1528.
(50.40) Reis van ? ("Thimperiaen een Loope") om te informeren naar een geneesmiddel tegen de "swetende sieckte". Een zalm geschonken aan de vicaris(-generaal) van Utrecht omdat de bevolking toegestaan was (tijdens de vasten) boter te eten tot Palmpasen. 1529.
(50.41) Reis naar Oudewater ter bespreking van de kwestie over de "verheelinge" van de Rijndijk aan de IJsseldijk. Landvoogdes Margaretha van Savoye is overleden, 1531.
(50.42) Reis van mr. Dirck naar de heemraden (van Schieland) te Rotterdam om de juridictie van Gouda over Broek te verdedigen. Keizer Karel V stelt zijn zuster tot landvoogdes aan. Reis van de kastelein naar Den Haag om (de samenstelling van) het nieuwe stadsbestuur te halen. De Hoornbrug (tussen Lage Gouwe en Hoge Gouwe) is (van steen) gemaakt; de stenen zijn te Aalst of Vilvoorde gekocht. 1531.
(50.43) Reis naar Haarlem om het hoogheemraadschap Rijnland te verzoeken een sluis in de IJsseldijk te maken achter het kasteel ten behoeve van een betere waterlozing. Reis naar Den Haag naar de raad (hof van Holland) om te overleggen over het ongemak wegens de gevangen Wederdopers en verdachte en voortvluchtige personen. 1535.
(50.44) De Paltsgraaf vraagt assistentie van 40 schepen om Denemarken te veroveren. Stadsbrand van Delft. Erasmus sterft. Wijn geschonken aan de hertog van Mecklenburg toen hij door de stad trok. 1536.
(50.45) Reis naar Den Haag voor het proces tegen de kastelein en schout Adriaen van Crimpen. Keizer Karel V krijgt een zoon. 1537.
(50.46) Reis naar Den Haag om de kwestie van de kastelein voor het hof van Holland te brengen. Vrede tussen keizer Karel V en Frankrijk, 1538.
(50.47) Reis naar Den Haag in verband met de nalatigheid van de scholaster, de onjuiste houding van de secretaris jegens het gerecht en de schepenen en de klacht over het geroddel onder de bevolking over het feit dat de schout en de secretaris zwagers zijn. Geschenk aan de pensionaris van Gent die, naar men zei: op de vlucht, in Gouda was. Wijn gekocht in Dordrecht om bij een eventueel bezoek van de keizerin te schenken, toen zij in Holland was. Betaling aan de auditeur van de rekenkamer wegens drie verzegelde brieven (= gezegelde akten ?) inzake de school, het ambt van secretaris en dat van schout. Bericht dat keizer Karel V in Frankrijk was op weg naar de Nederlanden. 1539.
(50.48) Reis naar Gent om samen met de andere grote steden van Holland de keizer welkom te heten. Reis naar Brussel om afscheid van Karel V te nemen. 1540.
(50.49) Reis naar Mechelen om mr. Cornelis van Hogelande tot pensionaris te benoemen. Reis naar Den Haag ter dagvaart bij de aanvaarding van het stadhouderschap door Willem van Oranje. De heer Schorel een zilveren po geschonken. 1541.
(50.50) Reis van Huygh Gerritsz, burgemeester, met de pensionaris naar Brussel om hernieuwing van het privilege betreffende de uitbreiding van het rechtsgebied met een kwart mijl. Reis naar Den Haag om van het hof van Holland te vernemen wie de onlangs verbrande vrouw omgekocht zouden kunnen hebben zodat zij diverse poorters zou beschuldigen; betaling voor een afschrift van het vonnis. 1542.
(50.51) Reis om informatie in te winnen te Schoonhoven en Utrecht over de verblijfplaats van de Geldersen en bericht over Amersfoort. Schenking aan mr. Hippolitus toen hij kwam met de opdracht om de rector gevangen te nemen. 1543.
(50.52) Reis naar Den Haag om van de rekenkamer gedaan te krijgen dat de tollenaar te Utrecht de Goudse poorters tolvrij zal laten passeren indien ze de Amersfoortse tol betaald hebben. Door de pensionaris betaald rapport- en vonnisgeld inzake het proces voor het hof van Holland tussen de stadhouder namens rector mr. Cornelis Jansz tegen pastoor, vicarie- en memorieheren van de St.-Janskerk inzake de vrachten (?) van de vacerende scholasterie. Vrede tussen keizer Karel V en Frankrijk. 1544.
(50.53) Reis van de pensionaris naar Leiden, Haarlem en Delft om te overleggen met de bestuurders van die steden hoe zij zich zullen opstellen in de zaak van de gevangen Cornelis Andries., indien het hof van Holland het door deze steden ingestelde beroep niet toelaat (betrof een poorter van wie het hof wilde dat hij overgezonden zou worden). Reis naar Utrecht om met de staten het uitdiepen van de IJssel te inspecteren. Reis van Huyg Gerritsz Hopcooper naar Brussel ter dagvaart. 1545.
(50.54) Reis naar Den Haag om te vernemen hoe mr. Cornelis van Hollant was gevaren in het verpachten van het secretarisambt. Reis naar Den Haag om met de raad (het hof van Holland) te overleggen in de zaak van twee wegens tovenarij gearresteerde vrouwen. Holland dagvaardt de stad. Reis van een burgemeester en enkele vroedschapsleden naar het slot Honingen (bij Kralingen) naar de heer van A... 1546. ---Tekst verbeteren!
(50.55) Schenking van een paard aan de heer van Beveren, stadhouder. Overwinning van keizer Karel V op Saksen. 1547.
(50.56) Reis naar Dordrecht ter dagvaart betreffende de koningen (??? xxx) en de bedrijven op het platteland. Reis naar Brussel om keizer Karel V met zijn terugkeer geluk te wensen. 1548.
(50.57) Reis naar Dordrecht ter inhuldiging van Philips II als graaf van Holland. Reis naar Amsterdam om Philips als erfopvolger in te huldigen. De hertog van Brunswijk wijn geschonken toen hij in Den Hoorn was. Betaling van de kosten van het gewonnen proces tegen Hogelant. 1550.
(50.58) Reis naar Den Haag om advies in de strafzaak tegen Cornelis Antonisse en Gerrit den Brootschrapper. Reis naar Delft op zoek naar een klokkemaker voor het repareren van het verbrande uurwerk. 1551. --- Tweede post = 1552 ? (St.-Janskerk ?).
(50.59) Reis naar Amersfoort om daar de toren te bekijken in verband met het afbranden van de St.-Janskerk en -toren. Vergoeding betaald aan Dirck Cornelis van Oudewater, nieuwe burgemeester in plaats van de overleden Huygh Gerrits Hopkooper, wegens aanschaf van een tabbaard. Mr. Boudewijn (Ronsse) wijn geschonken toen hij (de betrekking van stadsarts) had aangenomen. Een bruiloftsmaaltijd geschonken aan de kinderen van de heer van Goudriaan. Betaling aan Willem Andriesz de Raet voor een wandtapijt in de vroedschapskamer. De kist met privileges tijdens de brand uit de St.-Janskerk gehaald. Dirck Pietersz Crepel (= Crabeth ?) tekent de patronen van de bovengenoemde wandtapijten. Betaald voor het transport van kruit uit het stadhuis naar de vesten toen de St.-Janskerk in brand stond. Hoge waterstand rond de tijd van de bovengenoemde brand. Reis naar 's-Hertogenbosch om het gieten van de (slag)klokken (voor de St.-Janskerk) te bespoedigen. 1552.
(50.60) Prins Willem van Oranje benoemd tot stadhouder. Overleg gevoerd over het wegzenden van de Spaanse troepen en hun vervanging door soldaten uit de Nederlanden, wegens de grote overlast van de Spanjaarden. Reis ter dagvaart om het standpunt van Gouda mede te delen inzake het voorleggen van het geschil met de ridderschap over de bedrijven op het platteland aan de stadhouder. Overlijden van Adriaen Vergoed (= van der Goes), advocaat van Holland. Mr. Christiaen de Beka, pastoor van Gouda, sticht vier beurzen in Leuven. 1560.
(50.61) Reis naar Den Haag vanwege de kwestie van het verbod van de stadhouder aan de landsadvocaat om de staten van Holland bijeen te roepen. De graaf en gravin van Li(n)gnes in het Herthuis door de "heer van Gouda' (= kastelein ?) onthaald op stadskosten. 1565.
(50.62) Reis naar Brussel ter dagvaart om de landvoogdes erop te wijzen welke onrust door de inquisitie in Holland begon te ontstaan. Bericht van Dirck Jansz Lonck over de beeldenstorm te Antwerpen; dit bericht doorgezonden aan Jan Heye ter dagvaart in Den Haag. Reis naar Antwerpen om de prins van Oranje naar Holland te krijgen om de onrust ter zake van de religie te laten ophouden. Bedankbrief aan de hertog van Brunswijk te Woerden wegens zijn schenking van een glas in de St.-Janskerk. 1566.
(50.63) Reis naar Nijmegen om de aanstaande koningin van Spanje te verwelkomen; (Gouda neemt deel aan een) geschenk van alle patrimoniale Nederlandse gewesten. Reis naar Den Haag ter dagvaart voor overleg met Delft, Rotterdam, Schiedam en Oudewater over de kosten van het herstel van de Rijndijk. Grote verwoesting in Holland door de Allerheiligenvloed. Doorbraak van de Diemerdijk en herstel van de sluis te Gouwsluis. Zeedijk bij Naarden doorgebroken. 1570.
(50.64) Reis naar het hoogheemraadschap van Schieland voor overleg over de concept-verordening van de stad i.v.m. eventuele schadelijke gevolgen van dijkdoorbraak (d.w.z. van de IJsseldijk). Schenking aan niet genoemde personen die verhinderd hebben dat er Spaanse soldaten in Gouda gelegerd zouden worden. 1571.
(51) Uittreksel uit de rekening van inkomsten en uitgaven wegens de bouw van het stadhuis over 1450 enz. xxx, bevattende de totale inkomsten en uitgaven en berekening van de netto-bouwkosten, 1450 - 1452.
(52) Besluit van het stadsbestuur om dijkgraaf en hoogheemraden van Schieland niet toe te staan in Gouda de schouw te komen houden, 16 januari 1599. De secretaris wordt gelast om de volgende dag bij aankomst van het bestuur van Schieland de Dijkspoort te laten sluiten en de bestuurders alleen als privé-personen in de stad toe te laten. --- Uittreksel uit ? (ontbreekt in Kamerboek, ac 1 inv.nr. 91).
(53) Aantekeningen dat door de benoeming van Aemilius van Roosendal tot hoogheemraad van Schieland in 1600 het misverstand tussen Gouda en Schieland in 1601 uit de weg is geruimd en dat sindsdien het bestuur van Schieland jaarlijks ter gelegenheid van de schouw in Gouda officieel is verwelkomd door het stadsbestuur, 1601.
(54) Aantekening betreffende het besluit van de staten van Holland om ervoor zorg te dragen dat Schieland de privileges van Gouda in acht neemt, of anders een vertegenwoordiger van de stad tot boventallig hoogheemraad van Schieland te benoemen, 18 september 1593. --- Verwijzing naar het stadsregister, fol. 104v.
(55) Akte waarbij keizer Karel V vergunning verleent aan het stadsbestuur van Gouda om vlak buiten de stad (in de Korte Akkeren) een verlaat in de Goudkade te maken achter het Lazarushuis (= Leprooshuis) (het verzoek was: ter plaatse van de Tiendewegsmolen), gelegen binnen het hoogheemraadschap van Schieland, ten einde een vaarroute te hebben voor de aanvoer van klei en aarde om het uitgeveende land rond de stad mee op te hogen, alsmede voor de aanvoer van turf en hout. Van het sluisgeld zal 2/3 dienen ter dekking van de aanleg- en onderhoudskosten en 1/3 moeten worden afgedragen aan de grafelijkheid. Mocht later blijken dat het verlaat schadelijk is voor de gemeenschap, dan kan de vergunning worden ingetrokken. 24 juli 1545. --- Ook in 2e stadsregister, fol. 142vv.
(56) Verordening op de doorvaart door het verlaat in de Korte Akkeren, 11 december 1646.
(57) Lijst van oude geldswaarden met omrekening naar de huidige rekenmunt in verband met het betalen van renten. z.d. --- Uittreksel "uyt seecker kercken-bouck der stadt Gouda". Verwijst naar het 7e stadsregister, fol. 254.
(58) Besluit van de vroedschap dat alle leden bij de controle van de stadsrekening tijdig aanwezig moeten zijn op straffe van een boete, 27 november 1651. --- Uittreksel uit het vroedschapsboek.
(59) Besluit van de vroedschap dat men voortaan met (tenminste) achttien personen zal vergaderen over stads- en landszaken, 1654 juli 20. --- Uittreksel uit het vroedschapsboek.
(60) Besluit van de vroedschap dat voor besluiten inzake kwijtschelding, teruggave of beëindiging van pachten, tractementen, e.d., een meerderheid van twee derde van de stemmen nodig is, 1654 juli 20. --- Uittreksel uit het vroedschapsboek.
(61) Besluit van de vroedschap dat ten aanzien van de leden die in de toekomst tot burgemeester of schepen zullen worden benoemd, degenen die het kortst geleden zijn benoemd de plaats (ambtstermijn) zullen vervullen van degenen die de plaats hebben ingenomen van een overledene of iemand die in een andere funktie is benoemd, 1 januari 1656. --- Uittreksel uit het vroedschapsboek.
(62) Verordening betreffende het verbod op het vestigen van bedrijven buiten de stad (maar binnen het rechtsgebied), met uitzondering van panne- en tegelbakkerijen, houtkoperijen, scheepswerven, lont- en garenspinnerijen en pottenbakkerijen, 3 januari 1656.
(63) Tekst van de eed van schout, burgemeesters en schepenen op het handhaven van de verordening op het weren van bedrijven buiten de stad, z.d. (17e eeuw, vóór 1657).
(64) Tekst van de eed van de 28 vroedschapsleden, af te leggen ten overstaan van de burgemeesters, z.d. (17e eeuw, vóór 1657).
(65) Tekst van de eed van de burgemeesters, af te leggen ten overstaan van de (president-) burgemeester resp. de baljuw, z.d. (17e eeuw, vóór 1657).
(66) Tekst van de eed van de schepenen, af te leggen ten overstaan van de burgemeesters resp. de baljuw, z.d. (17e eeuw, vóór 1657).