21r

Die haer Edele omme redenen toegestaen hebbend
versochten dienvolgende geauthoriseert te mogen
Sijn om de schole wederom inde voorseide plaets
van een ander goet Rector te versorgen, waer
op gedelibereert Sijnde is goet gevonden ende
verstaen de voorseide heeren te authoriseren gelijck
de selve geauthoriseert worden bij desen die voor-
siennige te willen doen, omme de voorseide open-
gevalle plaets met een ander bequaem rector
te despicieren, op onse verdere approbatie, ende
sal hier van Copie gesonden werden aen gemelte
heeren omme te dienen tot der selver naericht
Actum den 3e maert 1686. bij de Heeren Burgemeesteren
als substituut secretaris Meester Everswinckel.
Contract met Antonij
Fabre Rector
[[1]] Op huijden den 22e Maert 1686 hebben de Heeren
Curatoren vande Latijnse schoolen der Stadt
Gouda (ingevolge vande acte van Autorisatie
vaende Heeren Burgemeesteren der voorseide
Stadt indate den 3 maert 1686. ende hebben
ingevolge vandien geeligeert ende aengenomen
tot Rector der voorseide scholen in plaes van Johanes
verweij, die naer S’Graevenhaege sal vertrecken
den Edele Antonij Fabre jegenwordigh woende tot
uijtricht, voor den tijt van seve eerstcomende
ende achtereenvolgende jaeren
[1] [Contract antonij / fabre rector] in de marge
wat de edele heren om die reden toegestaan hebben. Zij verzoeken vervolgens gemachtigd te worden om de school in Gouda een andere goede rector te bezorgen. Hetgeen na overleg is goedgekeurd en begrepen om de voornoemde heren te machtigen. Zo worden de heren bij deze gemachtigd om daarin te voorzien en dus om met onze goedkeuring de voornoemde opengevallen plaats door een andere bekwame rector te laten vervullen. Hiervan zal een kopie gezonden worden aan de genoemde heren als kennisgeving. Waarvan akte op 3 maart 1686 door de heren burgemeesters met als vervangend secretaris mr. Everswinckel.
Contract met Antonij Fabré, rector
[[1]] Heden 22 maart 1686 hebben de heren curatoren van de Latijnse school van Gouda, vanwege de akte van machtiging van de heren burgemeesters van voornoemde stad d.d. 3 maart 1686, de edele Antonij Fabré gekozen en aangenomen als rector van de voornoemde school. Hij komt in de plaats van Johannes Verwey, die naar Den Haag zal vertrekken. Antonij Fabré, tegenwoordig wonende te Utrecht, wordt aangesteld voor de tijd van de 7 eerstkomende jaren en de daaropvolgende jaren,
[1] [Contract Antonij Fabré, rector] in de marge
21v

daervan het eerste jaer ingaen sal den i meij
1686. ende het laetste expireren den laesten
april 1693. Ende dat op een tractement van
seshondert vijftigh guldens jaerlijcx te betalen
alle vierendeel jaers een gerecht vierdepart
bij de Heer Tresorier deser Stadt, met noch
hondert gulden jaerlijcx die betaelt worden
bij de Heeren Fabrijckmeesteren in plaes van turff
ende hout, die voorgaende Rector plachten
te genieten, mitsgaders nogh hondert guldens
extraordinaris jaerlijckx die uijt de middelen
ende inkomen vande scholasterie betaelt sullen
worden, mackende ‘tsamen een somme van acht
hondert vijftigh gulden, des dat den Rector
voorseide nogh sal genieten vrijdom van alle de
Stadts Excijnsen ende het minerval van sijne ofte
de hooghste schole, met nogh tien gulden jaerlijcx
vande Heeren Fabrijckmeesteren, daer vooren hij
het woonhuijs ende scholen, die hij sonder huijer
te betaelen sal bewoonen, van binnen glasdicht
sal moeten onderhouden, ende oock leveren
ter Expiratie van sijne dienst voorsoo
veel de voorseide glassen door onachtsaemheijt
ofte moet wil van sijne famillie ofte cost
kinderen gebrocken waeren geweest; Ende
sal gemelten Rector geduijrende de voorseide
seve jaeren geen ander Rectoraet oft ander
emploij mogen aennemen als met expres
consent vande voorseide Heeren Curatoren,
dogh alles op approbatie vande gemelte Heeren
Burgermeesteren.
waarvan het eerste jaar zal ingaan op 1 mei 1686 en het laatste zal aflopen op 30 april 1693. En dat met een jaarinkomen van 650 gulden waarvan per kwartaal exact een kwart wordt betaald door de heer thesaurier van deze stad. Daarbij 100 gulden per jaar die betaald worden door de heren stadstoezichthouders in plaats van de turf en het hout die de voorgaande rector placht te krijgen. Verder nog 100 gulden per jaar extra die uit de middelen en het inkomen van de school betaald worden, hetgeen in totaal een som is van 850 gulden. Plus dat de genoemde rector geen stedelijke belasting hoeft te betalen, plus het schoolgeld van zijn, oftewel de hoogste school, en nog 10 gulden per jaar van de stadstoezichthouders. Daarvoor zal hij het woonhuis en de school, die hij zonder huur zal bewonen, van binnen glasdicht moeten onderhouden en zo ook alles op moeten leveren bij het aflopen van zijn dienst als het genoemde glas door onoplettendheid of moedwillig door zijn familie of de kinderen in de kost gebroken zou zijn. En genoemde rector zal gedurende de genoemde 7 jaren geen ander rectoraat of andere werkkring mogen aanvaarden dan met uitdrukkelijke toestemming van de genoemde heren curatoren en bovendien alles met goedkeuring van de genoemde heren burgemeesters.
22r

[[1]] Extract uijt ’t Camerbouckt
der Stadt Gouda.
Jster vergaderinge gelesen seecker contract aen-
gegaen tusschen de heeren Curatoren vande Latijn-
sche schoole deser Stadt, ende Anthonij Fabre
aengestelt tot Rector inplaet se van
Johannes verweij vertrocken na schravenhage gelijck
’t selve geregistreert is in’t negende Stadts
Register folio 195. waerop gedelibereert sijnde
is goet gevonden ende verstaen ’t voorseide contract
te approberen ende te ratificeren, gelijck het
selve geapprobeert ende geratificeert wert
bij desen.
Actum den 23 martij 1686 bij d’Heeren
Burgermeesteren.
Extract uijt ’t Camerboeck
der Stadt Gouda
[[2]] op het geremonstreerde vande heeren scholarchen
van dat van Riet Latijnsche scholmeester in ’t vierde
school, sijn dienst aen eenige vande gemelte heeren
hadde believen opte seggen, mitsgaders dat haer
Edele nogh eenige ander sacken hadden tot sijnen
lasten, daer de schoole veel aengelegen was;
Is na deliberatie goet gevonden ende verstaen
de gemelte heeren scholarchen ’t authoriseren gelijck
haer Edele geauthoriseert werden bij desen omme
den voorseide van Riet naeder gehoort hebbende
[1] [approbatie / contract antony / fabre] in de marge
[2] [van Riet schoolmeester / int 4 school.] in de marge
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda
[[1]] Er is ter vergadering een zeker contract voorgelezen dat is aangegaan tussen de heren curatoren van de Latijnse school van deze stad en Anthony Fabré om aangesteld te worden als rector, in plaats van Johannes Verwey die naar Den Haag vertrokken is zoals is geregistreerd in het negende stadsregister, blad 195. Daarop is, na beraadslagingen het goed bevonden en begrepen dat het genoemde contract wordt goedgekeurd en geratificeerd, waarna dat bij deze werd gedaan. Waarvan akte op 23 maart 1686 door de heren burgemeesters.
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda
[[2]] Na de verklaring van de heren schoolbestuurders dat Van Riet, Latijnse schoolmeester in de 4e school, zijn dienst beliefde op te zeggen bij een van de genoemde heren, terwijl die nog wat zaken moesten afhandelen waar de school veel aan gelegen was, is na overleg goedgevonden en begrepen dat men de genoemde heren schoolbestuurders machtigt, hetgeen onmiddellijk bij deze gebeurde nadat genoemde Van Riet verder gehoord was om
[1] [Goedkeuring Contract Anthony Fabré] in de marge
[2] [Van Riet schoolmeester In de 4e school] in de marge
22v

van desselffs ampt te mogen disponeren, hetsij
suspentie, dimissie offte cassatie soo als haer
Edele bevinden sullen ten meesten dienste vanden
schoolen te behooren, ende in cas van’t laeste
een ander in desselffs plaetse te mogen
aennemen, op vorder approbatie, actum
den 12 Januarij 1688. bij de Heeren Burgemeesteren
A: van Groendyck,
[[1]] Op den 9e februarij 1686 hebbe de heeren
scholarchen der Stadt Gouda goet ge-
vonden ende geresolveert de naer volgende
dominis, voor haer goede, en soo lange
sij daer in continueeren toe te voegen,
bove haer ordinaeris tractement
en door onse Rentemeester te doen
betallen, op hare Speciale ordonnantie
een honorarium, in mannieren als volght
Aen Samuel Munckerus, Conrector
vijftigh gulden op den je december 1686.
Richardus Ketel dertigh gulden den
laeste december 1686.
ende Johannes van Riedt den ie februarij
1687. Respectivelijck te verschijnen
vijffentwintigh guldens
[1] [augmentatie / van Tractement / schoolmeesters] in de marge
over zijn ambt te mogen beschikken. Dit hetzij voor een schorsing, hetzij voor een ontslag of een opheffing, waarbij men zal handelen met de beste uitkomst voor de school. In het laatste geval mogen zij een ander op die plaats aannemen ter verdere goedkeuring. Waarvan akte op 12 januari 1688 door de heren burgemeesters A. van Groenendijck.
[[1]] Op 9 februari 1686 hebben de heren schoolbestuurders van Gouda goedgevonden en besloten de volgende heren voor hun goede diensten en zolang zij daarmee doorgaan, een honorarium toe te voegen aan hun gebruikelijke traktement en door onze ontvanger te laten betalen op ons uitdrukkelijk bevel en wel op de volgende wijze: aan Samuel Munckerus, conrector, 50 gulden op 1 december 1686, Richardus Ketel 30 gulden op 31 december 1686, en Johannes van Riet op 1 februari 1687, 25 gulden, ieder op zijn beurt.
[1] [verhoging traktement schoolmeesters] in de marge
23r

[[1]] In gevolge vande outhorisatie vande
Heeren Burgemeesteren vanden 12 januarij
1688, hebben d’Heeren scholarchen Domine
Johannes van Riet meester in de
eerste schoole om redenen gecasseert
Ende in desselfs plaets aengestelt
[[2]] Domine Johannes Rossendael op een tracte-
ment van drie hondert seventigh
guldens sjaers door onsse Rentemeester
indertijdt te betalle alle verendel
jaers een gerechte vierde part sijnde
soo veel als van Riet voorseide heeft
genooten
[[3]] Den 30 januarij 1691,
js geresolveert om aen te Coopen
twee rentebrieven op het gemeenelants
cantoor van Gouda, een van acht
ende een van seven hondert
guldens, ende daer voor in betalingh
te geven een abligatie van negen
hondert guldens staende op dese
Stede, present d’ Heer Meester Melchior
snels, d’ Heer Meester Cornelis Moeringh,
d’ Heer Meester Arent Vossenburgh ende
d’ Heer Meester Bruno vander Dussen
scholarchen
[1] [van Riet schoolmeester / gecasseert] in de marge
[2] [J Rosendaal / aangestelt / int je school] in de marge
[3] [Aencoop 2 / rentebrieven] in de marge
[[1]] Na de volmacht van de heren burgemeesters van 12 januari 1688 hebben de heren schoolbestuurder de heer Johannes van Riet, schoolmeester van de eerste school met reden ontslagen en in zijn plaats aangesteld
[[2]] de heer Johannes Rosendael voor een loon van 370 gulden per jaar door onze rentmeester op tijd te betalen en wel elk kwartaal een nauwkeurig kwart hetgeen net zo veel is als de genoemde Van Riet heeft genoten.
[[3]] Op 30 januari 1691 is besloten om 2 rentebrieven aan te kopen op het stadhuis van Gouda, een van 800 en een van 700 gulden en daarvoor in betaling te geven een obligatie van 900 gulden op naam van deze stad. In aanwezigheid van de heer mr. Melchior Snels, de heer mr. Cornelis Moeringh, de heer mr. Arent Vossenburgh, en de heer mr. Bruno van der Dussen, schoolbestuurders.
[1] [Van Riet schoolmeester ontslagen] in de marge
[2] [J. Rosendael aangesteld in de 1e school] in de marge
[3] [aankoop 2 rentebrieven] in de marge
23v

[[1]] Corte staet vande jncomsten vande
scholarchie op opgestelt den 24e september 1691
Wort jarlijckx ontfangen vande
turfftonne . . . . . . . . . . . . . . . .. . . . . . . . £ 315-0-0
Nogh van Rantsoen vandien a 1 stuiver ,, 15-15-0
Wort jaerlijckx ontfangen vande
runetonne . . . . . . . . . . . . . . . .. . . . . . . . . ,, 20-0-0
Nogh van Rantsoen. . . . . . . . . . . . . . . . . . ,, 1-0-0
Een rentebrieff van twintigh gulden
sjaers tot laste van hendrick
Jacobs Loij spruijtende uijt de
vercofte huijties verscheijnt 1 meij dus ,, 20-0-0
[in de marge folio 7450]
Een Rentebrieff tot laste van’t
gemeenelant op ’t Comptoire van
Gouda verscheijnt 4 julij jaerlijckx 30-0-0
[in de marge 7243]
Een rentebrieff ten verschreven Comptoire
aengecoght den 24 december 1675,
verschijnt den 1 november jaerlijckx 40-0-0
den 23e september 1691 is aengecoght
volgens resolutie vande heeren
scholarchen van date den 30 januarij
deses jaers 1691, dese twee naer-
volgende Rentebrieven mede
tot laste van’t gemeenelands
Comptoir alhier
[in de marge 4169]
Een van acht honder gulden Capitaels
verschijnt den 21 november jaerlijckx 32-0-0
[in de marge 4706]
den ander van seven hondert
gulden Capitaels verschijnt den
28e november jaerlijckx . . . . . . . . . . . . . ,, 28-0-0
--------------------
£ 501-15-0
[1] [revenue / scholarchie] in de marge
[[1]] Korte staat van inkomsten van het schoolbestuur opgesteld op 24 september 1691
Wordt jaarlijks ontvangen van het turf tonnen £ 315-0-0
plus opgeld daarvan á 1 st 15-15-0
Wordt jaarlijks ontvangen van het water tonnen 20-0-0
plus opgeld 1-0-0
Een rentebrief van 20 gulden per jaar ten laste van
Hendrick Jacobs Loij, voortkomende uit de verkochte huisjes
vervalt per 1 mei dus 20-0-0
[in de marge folio7450]
Een rentebrief ten laste van het stadhuis van Gouda, vervalt
Jaarlijks op 4 juli 30-0-0
[in de marge 7243]
Een rentebrief op het genoemde kantoor, gekocht
op 24 december 1675, vervalt jaarlijks op 1 november 40-0-0
Op 23 september 1691 is aangekocht, na een besluit
van de heren schoolbestuurders, op 30 januari 1691
de 2 hierna volgende obligaties mede ten laste van het
stadhuis alhier:
[in de marge 4169]
Een eerste kapitaal van 800 gulden,
vervalt elk jaar op 21 november 32-0-0
[in de marge 4706]
En een tweede van 700 gulden,
vervalt elk jaar op 28 november 28-0-0
---------------
£ 501-15-0
[1] [Inkomsten schooltoezicht] in de marge
24r

Den 24e februari 1691
[[1]] js geresolveert ende verstaen aen Domine
Johannes Rassendael voor sijn goede dienst
ende soo langh hij daer in continueert toe
te voegen bove sijn ordinaris tractement
van 370 gulden een honorarium van 25 gulden
sjaers dat verschijnen sal den laesten
december 1691 sijnde soo veel als domine van Ried
voor desen heeft gehadt, door ons
Rentemeester te betallen op speciale
ordonnantie
Extract uijt 't Camerboeck
der Stadt Gouda
[[2]] Den Heere Bailliu heeft uijt dennaem
ende van wegen d' Edele Heeren scholarchen
ter Camer Remisse gegeven, hoe dat den
Conrector Samuiel Munckerus hadde
aengenomen het Rectorschap tot Leeuwaerden
waerbij dan 't Conrectorschap deser Stadt
is comen te vaceren, ende versocht dienvolgens
dat haer Edele geauteriseert mochten sijn, omme
naer een ander bequaem persoon tot ver-
vullinge van die plaets te mogen uijtsien
waer op gedelibereert sijnde is goetgevonden
ende verstaen de voorseide heeren te autheriseren
ende die voorsieninge te doen, omme na een
bequaem persoon de schoolen dienstich
uijt te sien ende te beroepen op onse
verdere approbatie, ende sal hier van
copie gesonden werden aen gemelte heeren
omme te dienen tot tot denselver naricht
Actum den 16e Julij 1691 bij de Heeren
Burgermeesteren.
[1] [Rosendael preceptor / augment Tractement / 25 £] in de marge
[2] [Samuel munckerus / conrector / dimissie] in de marge
24 februari 1691
[[1]] Er is besloten en begrepen om aan de heer Johannes Rosendael voor zijn goede dienst en zo lang als hij die voortzet een honorarium van 25 gulden per jaar toe te voegen bovenop zijn gewone traktement van 370 gulden en dat zal beschikbaar komen op 31 december 1691. Het is even veel als de heer Van Ried hiervoor heeft gehad en het zal worden betaald na bijzondere lastgeving door onze administrateur.
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda.
[[2]] De heer Baljuw heeft uit naam van en vanwege de edele heren schoolbestuurders aan de Kamer laten weten dat conrector Samuel Munckerus het ambt van rector te Leeuwarden had aanvaard waardoor het ambt van conrector van deze stad vacant is geworden. En verzoekt vervolgens om de edele heren schoolbestuurders te machtigen om naar een andere geschikte persoon uit te mogen kijken om die plaats in te nemen. Waar na overleg men het goedkeurde en begreep om de voornoemde heren te machtigen en maatregelen te nemen om uit te kijken naar een geschikte persoon die van nut is voor de school. En een beroep te doen op onze verdere goedkeuring. Hiervan zal een kopie gezonden worden aan genoemde heren om te dienen als informatie.
Waarvan akte 16 juli 1691 door de heren burgemeesters
[1] [Leraar Rosendael vermeerdering salaris 25 Karolus guldens] In de marge
[2] [ontslag Samuel Munckerus conrector] In de marge
24v

Vergaderingh gehouden by de Heeren
scholarchen op de 25 Augustj 1691
present de Heeren Snels, van Stryen,
vossenburgh en vander dussen.
[[1]] Js naer voorgaende deliberatie goed gevonden ende
geresolveert dat na desen sal comen te cesseren het
Honorarium van 50 gulden jaers aende Conrector
Munckerus Extraordinaris toegevoeght, en dat de persoon
die als Conrector in desselfs plaetse staet beroepen
te worden, niet meerder sal worden toegevoeght
als het Ordinaris tractement van vyftigh gulden permaand
ofte 600 gulden jaers.
Vergaderingh gehouden bij de Heeren
scholarchen op den 8 October 1691 present
de Heeren Snels, van Stryen, vossenburgh
en van der dussen.
[[2]] volgens authorisatie vande Heeren Burgermeesteren
in date 16 july 1691 getreden wesende tot het despicieren
van een bequaem persoon tot de vacerende Conrectors plaetse
in de Latynsche schoolen deser Stad. js naer voorgaende
deliberatie goed gevonden aende de Heeren Burgermeesteren
voor te dragen en presenteren de persoon van Richard Ketel
preceptor in de derde schoole omme in de voorseide
Conrectorsplaetse gequalificeert en aengestelt te worden
ende wederom ten Suppletie van de voorseide preceptors
plaetse te presenteren de persoon van johannes Rosendael
jegenwoordigh preceptor in de laeghste schoole, ende
wederom in Syne plaetse tot preceptor in de voorseide
laeghste schoole de persoon van Arnoldus van den Brinck.
[1] [de extraordinaris ..... / vande Conrector / te cesseren] in de marge
[2] [Richart ketel / aengenomen tot / Conrector / Rosendael tot / preceptor inde / derde schoole / Brinck inde / laetste schoole] in de marge
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurders op 25 augustus 1691. Present de heren Snels, Van Strijen, Vossenburgh en Van der Dussen.
[[1]] Na voorafgaand overleg heeft men goedgevonden en besloten dat vanaf heden het honorarium van 50 gulden per jaar extra toegevoegd aan conrector Munckerus, zal komen te vervallen. En dat de persoon die als conrector in zijn plaats zal worden aangesteld niet meer zal krijgen dan het normale traktement van 50 gulden per maand of 600 gulden per jaar.
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurders op 8 oktober 1691. Present de heren Snels, Van Strijen, Vossenburgh en Van der Dussen.
[[2]] Gemachtigd door de heren burgemeesters d.d. 16 juli 1691 bevoegd om te zoeken naar een geschikt persoon voor het vervullen van de vacature van conrector op de Latijnse school van deze stad. Men heeft na overleg goed gevonden om aan de heren burgemeesters voor te dragen en te presenteren Richard Ketel, preceptor op de derde school om in de genoemde plaats van conrector bevoegd te zijn en aangesteld te worden. En ook om in de plaats van de voornoemde preceptor Johannes Rosendael te presenteren, tegenwoordig preceptor op de laagste school en ook in zijn plaats tot preceptor op de voornoemde laagste school Arnoldus van den Brink.
[1] [de buitengewone toelage van de conrector te beëindigen] In de marge
[2] [Richard Ketel aangenomen als conrector, Rosendael als leraar in de 3e school, Brink in de laagste school] In de marge
25r

Vergaderingh gehouden by de Heeren
scholarchen woensdagh den 10 october 1691
present de Heeren Snels, van Stryen,
vossenburgh en vander dussen.
Bij de Heeren scholarchen gelesen synde de hier navolgende
resolutie van de Heeren Burgermeesteren der Stad gouda
Extract uyt het Camerboeck der
Stad gouda
[[1]] Agtervolgens de authorisatie van de 16 july laesteleden hebben de
Heeren scholarchen gedespicieert en aende Heeren Burgermeesteren
gepresenteert in plaetse van Samuel Munckerus tot Conrector
in de latynsche schoole Richart Ketel, preceptor inde twede schoole
en door het avancement van de voornoemde Ketel in desselfs
plaetse Johannes Rosendael, preceptor in de eerste schoole, ende
wederom tot desselfs successeur in de eerste schoole Arnoldus Brinck
waer op gedelibereert wesende, js goed gevonden ende geresolveert
de Heeren scholarchen te authoriseren om de voorseide personen
in manieren voornoemt aen te stellen.
Js bij deselve goed gevonden aentestellen tot Conrector inde
Latynsche schoole Richart Ketel op een tractement van
seshondert gulden jaers in gangh nemende met den laesten ..
1691, tot Preceptor in de tweede schoole johannes Rosendael
op een tractement van ....................... ingangh nemende met
den laesten december 1691 ende tot preceptor in de eerste schoole
Arnoldus van den Brinck op een tractement van drie hondert en
tseventigh gulden jaerlycx ingangh nemende met den laeste .... 1691
Vergaderingh gehouden gehouden by de Heeren
scholarchen maendagh de 15 October 1691
present de Heeren Snels, van Stryen,
vossenburgh, en van der dussen
[[2]] De Heeren scholarchen hebben geinstalleert in de schoole Richart
Ketel, tot Conrector, johannes Rosendael tot preceptor inde
tweede schoole, en naer deselve aengemaent te hebben jn
alle vigilantie en goede discipline haeren functie respectivelijk
waer te nemen, ende de discipelen tot obedientie en naerstigheyd
opgeweckt te hebben, hebben deselve de schoole voor dese dagh
laten ferieren
[1] [approbatie / van de Heeren / Burgermeesteren] in de marge
[2] [jnstallatie van de / Conrector en de twee / preceptoren in de schoole] in de marge
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurders op woensdag 10 oktober 1691. Aanwezig de heren Snels, Van Strijen, Vossenburg en Van der Dussen.
De heren schoolbestuurders hebben het volgende besluit van de heren burgemeesters van Gouda gelezen.
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda.
[[1]] Ten gevolge van de machtiging van 16 juli jongstleden hebben de heren schoolbestuurders vastgesteld en aan de heren burgemeesters voorgesteld om in plaats van Samuel Munckerus tot conrector in de Latijnse school Richard Ketel, preceptor op de 2e school, te benoemen en door de bevordering van genoemde Ketel, op zijn plaats Johannes Rosendael, preceptor op de 1e school te benoemen en dan ook als zijn opvolger op de 1e school Arnoldus Brink. Daarover is beraadslaagd, goedgevonden en besloten de heren schoolbestuurders te machtigen om de genoemde personen op de genoemde wijze aan te stellen.
Er is door de dezelfde heren goedgekeurd dat Richard Ketel wordt aangesteld als conrector op de Latijnse school met een loon van 600 gulden per jaar met ingang van ultimo december 1691, Johannes Rosendael als preceptor op de 2e school met een loon van … met ingang van ultimo december 1691 en Arnoldus van den Brink als schoolmeester op de 1e school met een traktement van 370 gulden per jaar met ingang van ultimo december 1691.
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurdersop maandag 15 oktober 1691. Aanwezig de heren Snels, Van Strijen, Vossenburg, en Van der Dussen.
[[2]] De heren schoolbestuurders hebben op de school aangesteld: Richard Ketel als conrector, Johannes Rosendael als preceptor op de 2e school. En na hen gemaand te hebben in alle waakzaamheid en goede orde hun respectievelijke functies uit te oefenen en de leerlingen tot gehoorzaamheid en vlijt te hebben aangespoord, hebben de heren de school voor deze dag vrij gegeven.
[1] [goedkeuring van de heren burgemeesters] In de marge
[2] [installatie van de conrector en de 2 leraren op de school] In de marge
25v

Vergaderingh gehouden by de
Heeren scholarchen op den 25 January 1695
1695. present de Heeren vander
Werve, van Strye, van rietvelt,
van der dussen.
[[1]] Op het geproponeerde dat den Rector Fabré tsedert eenige dagen
aensoecke hadde gedaen aen eenige Heeren van de
scholarchen omme te moge obtineren syne dimissie
en dat hem daerop te spoedigste vande Heeren
scholarchen uytslage soude moge worde gegeven.
waerop gedelibereert Synde, js goed gevonden ende
verstaen alvorens op het voornoemde versoeck te disponeren
dat de voornoemde Rector door den Heer vander werve
sal worde gesondeert om wat redenen hy het voornoemde
versoeck js doende en of hy sigh niet soude laten
disponeren om jn Syne dienst te continueren.
Vergaderingh gehouden by de
Heeren scholarchen op den 29 January 1695
present de Heeren van der Werve
van Strye, van Rietvelt en
van der Dussen
[[2]] Den Heer van der Werve heeft gerapporteert dat Syn Edele
volgens de resolutie van den 25 deser hadden gesproocken
met den rector Fabré, en dat hy als nogh persisteerde
bij syn voorige versoeck, en dat het selve was gefondeert
op dese redene, dat hy Rector van meeninge was
een stilder leven te lyden. waerop gedelibereert
wesende, js de gemelte Heer van der Werve bedanckt
voor syn genomen moeyte en gedaen rapport, en wydert
[1] [De Rector Fabré / versouckt sijn dimissie] in de marge
[2] [De Rector Fabré / persisteert te hebben / sijn dimissie] in de marge
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurders op 25 januari 1695. Present de heren Van der Werve, Van Strije, Van Rietvelt, Van der Dussen.
[[1]] Betreffende het punt dat rector Fabré enige dagen geleden een verzoek heeft gedaan bij enige heren van de schoolbestuurders om zijn ontslag te mogen krijgen en dat hij zo spoedig mogelijk van de heren schoolbestuurders de uitslag zou mogen horen. Waarna men heeft beraadslaagd en goed gevonden en begrepen dat, voordat er een beslissing wordt genomen over het genoemde verzoek, de genoemde rector door de heer Van der Werve zal worden gepolst om welke redenen hij het genoemde verzoek doet en of hij zich niet zou willen laten overhalen om zijn dienst voort te zetten.
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurders op 29 januari 1695. Present de heren Van der Werve, Van Strije, Van Rietvelt, Van der Dussen.
[[2]] De heer Van der Werve heeft verslag gedaan van het feit dat hij naar aanleiding van de vergadering van 25 januari jl. heeft gesproken met rector Fabré en dat de laatste volhardde in zijn vorige verzoek en dat dit verzoek was gestoeld op de volgende reden: dat hij, rector, van zins was een rustiger leven te gaan leiden. Na beraadslagingen daarover werd de genoemde heer Van der Werve bedankt voor zijn genomen moeite en het uitbrengen van zijn verslag en verder
[1] [Rector Fabré verzoekt om ontslag] in de marge
[2] [Rector Fabré volhardt in zijn verzoek om ontslag] in de marge
26r

goed gevonden en verstaen van het voormelde versoeck
vanden Rector Fabre kennisse en communicatie
te geven aende Heeren Burgermeesteren, gelyck te selven
dage js geschiet en js daerop by haeren d’ wel Achtbaren
genomen de volgende resolutie
Extract uyt het Camerbouck
der stad gouda present de Heeren
Burgermeesteren
Maendagh den 31 January 1695
[[1]] De Heeren scholarchen deser stad hebben ter Camere
gecommuniceert dat den Rector der Latynsche schole
aen haere Edelen hadde versoght syn dimissie, tegens mey
aenstaende. Waerop gedelibereert wesende, js in
conformité van het advis van de gemelte Heeren
scholarchen [[2]] te authoriseren om den voornoemde rector te
disponeren tot de continuatie in Syne dienst door
persuasie of andersints door eenige melioratie
van syn voorgaende conditien, ofte by onstentenisse
van dien den voornoemde rector te dimitteren en aenstonts
omme te sien naer andere bequame personen waer
mede de voornoemde plaetse soude connen worden gesuppleert
ende dit alles op approbatie vande Heeren Burgermeesteren
Vergaderingh gehoude bij de Heeren
scholarchen op den 7 February 1695
present de Heeren van der Werve,
van Strye, van Rietvelt, van der
Dussen.
Geproponeert sijnde dat den Rector Fabré
[1] [De rector fabre te / disponeren om te / continueren.] in de marge
[2] [goed gevonden deselve] interlineair
werd goedgevonden en begrepen dat van het genoemde verzoek van de rector Fabré kennis wordt gegeven aan de heren burgemeesters. Hetgeen dezelfde dag is gebeurd en daarop is door de achtbare heren het volgende besluit genomen.
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda. Aanwezig de heren burgemeesters.
Maandag 31 januari 1695.
[[1]] De heren schoolbestuurders s van deze stad hebben de Kamer meegedeeld dat de rector van de Latijnse school aan hen had gevraagd om per mei aanstaande te worden ontslagen. Na beraadslagingen is conform het advies van de heren schoolbestuurders goedgevonden hen te machtigen om genoemde rector te bewegen tot voortzetting van zijn dienst door overreding of op andere wijze door enige verbetering van zijn vorige arbeidsvoorwaarden. Bij afwijzing daarvan genoemde rector te ontslaan en aanstonds uit te kijken naar andere bekwame personen waarmee de positie zou kunnen worden bezet en dit alles met goedkeuring van de heren burgemeesters.
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurders op 7 februari 1695. Aanwezig de heren Van der Werve, Van Strijen, Van Rietvelt, en Van der Dussen.
Er wordt geopperd dat rector Fabré
[1] [de rector Fabré te bewegen om aan te blijven] in de marge
26v

wel soude te disponeren syn, om by continuatie
syne dienst waerteneme, in gevalle de Heeren
scholarchen genegentheyd soude moge hebben om met
hem over de voornoemde continuatie te contracteren op
favorabelder conditie als de voorgaende syn geweest
waerop gedelibereert wesende ende gehoort synde
het versoeck by de voornoemde Rector Fabre daer benevens
gedaen, js goed gevonden ende verstaen ingevolge
vande authorisatie vande Heren Burgermeesteren
in dato 31 januarij jonghstleden met den voornoemde rector
fabre te accorderen, gelyck geaccordeert word by
desen op de volgende Conditien, dogh alles op
approbatie van de gemelde Heeren Burgermeesteren
Contract met den Rector fabre
[[1]] Overmits het contract op den 22e Maert 1686 gemaeckt
by de Heeren Curateuren en scholarchen over de Latynsche
schoolen deser Stad. met Anthony Fabre rector der
voornoemde schoole bereyts op den 31 April 1693 js comen
te expireren. Soo hebben gemelten Heeren Curateuren
en scholarchen, op nieuws met de voornoemde Rector Fabre
gecontracteert over de continuatie van synen dienst
op de volgende Conditien volgens authorisatie van de
Heeren Burgermeesteren in dato: 31 January jonghstleden
namentlijck dat den gemelten Rector in syne dienst
word gecontinueert voor den tyd van negen eerstcomende
en aghtereenvolgende jaren daer van het laeste
jaer expireren sal den laesten April 1702 – jaerlijcks
op een Tractement van negen hondert en vijftigh gulden
te weten ses hondert ende vijftigh guldens te
betalen by den Heer Thesaurier dese stad alle drie maenden
een gereghte vierde part, nogh hondert gulden
jaerlijcks te betalen, by den Heeren Fabryckmeesteren deser stad
[1] [Continuatie van de / rector Fabre tot / may 1702.] in de marge
ertoe te bewegen zou zijn om zijn dienst voort te zetten indien de heren genegen zouden zijn om hem bij genoemde voortzetting een contract te bieden met gunstigere voorwaarden dan het vorige. Waarna beraadslagingen plaatsvonden over het verzoek van voornoemde rector Fabré en men heeft goedgevonden en begrepen ook vanwege de volmacht van de heren burgemeesters d.d. 31 januari jl. om met genoemde rector Fabré akkoord te gaan op de volgende voorwaarden. Alles niet zonder de goedkeuring van de heren burgemeesters.
Contract met rector Fabré
[[1]] Aangezien het contract dat op 22 maart 1686 met Anthony Fabré, rector van de school, was opgesteld door de heren curatoren en schoolbestuurders van de Latijnse school van deze stad reeds is afgelopen op 31 april 1693, hebben de genoemde heren curatoren en schoolbestuurders opnieuw met genoemde rector Fabré een contract gemaakt voor de voortzetting van zijn dienst onder de volgende voorwaarden. Voortvloeiend uit de machtiging van de heren burgemeesters d.d. 31 januari jl. namelijk dat de genoemde rector zijn dienst voortzet voor de tijd van de 9 aanstaande aaneengesloten jaren waarvan het laatste jaar zal aflopen op ultimo april 1702. Jaarlijks met een salaris van 950 gulden, te weten 650 gulden te betalen door de penningmeester, elke 3 maanden het exacte kwart, plus 100 gulden per jaar te betalen door de heren stadstoezichthouders van deze stad.
[1] [voortzetting van rector Fabré tot mei 1702] in de marge
27r

in plaetse en tot uijtkoop van Turff en Hout dat
voor desen aen de voorgaende Rectoren js gegeven,
ende laestelijck nogh twee hondert guldens extraordinaris
jaerlijcks te betalen uijt de middelen enhet incomen
van de scholarchen maeckende tesamen de voornoemde negen
hondert en vijftigh guldens [[1]], daerenboven sal de voornoemde
Rector genieten vrijdom van alle de stads excijnsen,
het minerval van sijnen ofte de hooghste schoole
mitsgaders thien guldens jaerlijcks te betalen bij de Heeren
Fabrijckmeesteren deser stad, daer voor den voornoemde Rector
gehouden sijn sal den woninge die aen hem van stads
wegen sonder huyr te betalen word vergunt, mitsgaders
de schoole van binnen glas dight te onderhouden, en alsoo
ter expiratie van sijnen dienst aen den Heeren
Fabrijckmeesteren over te leveren voor soo verre deselve
door onaghtsaemheyd van syne discipulen, Costkinderen
ofte sijne domestiquen gebrooken souden sijn.
Daer tegens sal de voornoemde Rector niet alleen gedurende
de voornoemde negen jaren, maer oock naer de expiratie
van de selve soo wanneer den selven op het voornoemde
Tractement, en verdere conditien bij de gemelte Heeren
Curateuren en scholarchen soude mogen gecontinueert
worden, niet vermogen eenigh ander rectoraet
ofte employ aen te nemen, als met expres consent
en inwilligingh van gemelte Heeren Curateuren
en scholarchen voornoemd actum den 7 February 1695.
Afabre
[[2]] Extract uijt het Camerbouck
der stad Gouda present de Heeren
Burgermeesteren Moeringh van der Dussen
Dinghsdagh den 8 maert 1695
De Heeren scholarchen en Curateuren der Latijnsche
[1] [boven en behalve het / gebruijck ofter de / dispositie van het huijs / de scholarchie toe / comende, staende / tusschen de triviale / schole en de koepoort] in de marge
[2] [Approbatie op de continuatie / van de rector Fabre] in de marge
in plaats daarvan en als vergoeding voor de aanschaf van turf en hout die in het verleden aan eerdere rectoren werd gegeven en tenslotte nog 200 gulden daarbovenop, jaarlijks te betalen uit de middelen en het inkomen van het schoolbestuur. Opgeteld maakt dat samen de eerdergenoemde 950 gulden [[1]], daarbovenop zal de eerdergenoemde rector vrijdom genieten van alle accijnzen van de stad en het schoolgeld krijgen van zijn of de hoogste school; daarbij komt nog 10 gulden per jaar te betalen door de stadstoezichthouders van deze stad. De eerdergenoemde rector zal verantwoordelijk zijn voor de woning die hem van stadswege zonder huur te betalen, wordt gegund. Daarbij dient hij ook de school van binnen glasdicht te onderhouden en zo na afloop van zijn dienstverband aan de heren stadstoezichthouders op te leveren voor zover dat glas door onachtzaamheid van zijn leerlingen, kinderen in de kost of zijn huisbedienden gebroken zou zijn. Daarbij mag de eerdergenoemde rector, niet alleen gedurende de eerdergenoemde 9 jaar, maar ook na afloop daarvan als rector op de eerdergenoemde bezoldiging en verdere voorwaarden door de genoemde heren curatoren en schoolbestuurders gecontinueerd zou worden, geen enkel ander rectoraat of werk aan mogen nemen dan met uitdrukkelijke toestemming en inwilliging van de genoemde heren curatoren en schoolbestuurders. Waarvan akte 7 februari 1695. A. Fabré.
[[2]] Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda. Aanwezig de heren burgemeesters Moeringh en Van der Dussen op dinsdag 8 maart 1695. De heren schoolbestuurders en curatoren van de Latijnse
[1] [daarnaast het gebruik van het huis dat de schoolbestuurders toekomt en dat staat tussen de gewone school en de Koepoort] in de marge
[2] [Goedkeuring van de voortzetting van rector Fabré] in de marge
27v

schoole hebben ter Camere geexhibeert
het contract by haer Edelen aengegaen met
den Rector Fabre over de continuatie van
syn dienst voor den tyd van vyff jaren
op approbatie van de Heeren Burgermeesteren
waerop gedelibereert wesende js goed gevonden
en verstaen het voornoemde contract soo als het leght
te approberen, gelyck hetselve geapprobeert word by
desen, en syn de gemelte Heeren scholarchen en Curateuren
bedanckt voor haer gegeven communicatie en
moeyte hierinne genomen en versoght het voornoemde
contact over te leveren, om in het loopende stads
register geregistreert te worden.
Vergaderingh gehouden den 23 december 1696
by de heeren scholarchen, namentlyck
de Heeren Snels, van Rietvelt
van der werve en van der dussen
[[1]] Js naer voorgaende deliberatie goed gevonden ende
verstaen, dat den Conrector en de de twee andere
preceptores sullen mogen houden yder twee discipulen
in de cost, sonder meer, ten sy sij luyden daer toe (den
Rector gehoort synde) speciael consent sullen hebben
geobtineert van de Heeren scholarchen en dit by provisie
tot een preuve, en dat anders sal worden gedisponeert.
[[2]] Js goed gevonden ende verstaen dat de conrector en preceptores
niet sullen vermogen te geven eenige particuliere jnstitutien
aen haer huysen, aen discipulen buyten haer cost synde, wesende
in hooger schoolen, ten sij sodanige discipulen oock particuliere
justitutien ontfangen van de Meester in welcker schoolen
sij sitten.
[1] [den Conrector en / de andere precep / toren yder twee discipulen in de / cost te mogen hebben] in de marge
[2] [de Conrector en / andere preceptoren / geen institutie te / geven aan kinderen / in hooger schoole / synde, buyten haer / cost.] in de marge
school hebben aan de Kamer het contract getoond dat zij met de rector Fabré afgesloten hebben over de voortzetting van zijn dienst voor de tijd van 5 jaar ter goedkeuring van de heren burgemeesters. Waarna beraadslagingen hebben plaatsgevonden en men heeft goedgevonden en begrepen dat het eerdergenoemde contract zoals het er ligt wordt goedgekeurd. Hierbij wordt het goedgekeurd en de voornoemde heren schoolbestuurders en curatoren worden bedankt voor de gegeven communicatie en de moeite die hiervoor is gedaan. Ze worden verzocht het eerdergenoemde contract te overhandigen om in het lopende stadsregister opgenomen te worden.
Vergadering gehouden op 23 december 1696 door de heren schoolbestuurders namelijk: de heren Snels, Van Rietvelt, Van der Werve en Van der Dussen.
[[1]] Er is na voorgaande beraadslagingen goedgekeurd en begrepen dat de conrector en de 2 andere preceptoren niet meer dan 2 leerlingen in de kost zullen mogen houden, tenzij zij daarvoor (nadat de rector gehoord is) speciale toestemming hebben gekregen van de heren schoolbestuurders. Dit geldt als tijdelijk en als een proef, tot anders zal worden beslist.
[[2]] Men heeft goedgevonden en verstaan dat de conrector en preceptoren geen persoonlijke straffen aan huis zullen mogen geven aan leerlingen die niet bij hen in de kost zijn maar in hogere klassen zitten tenzij zulke leerlingen ook persoonlijke straffen ontvangen van de schoolmeesters in de school waarop zij zitten.
[1] [de conrector en de andere leraren ieder 2 leerlingen in de kost mogen hebben] in de marge
[2] [de conrector en de andere leraren geen straffen te geven aan kinderen in hogere scholen buiten de kost] in de marge
28r

Vergaderingh gehouden den 17 december 1696
by de heeren scholarchen, namentlijck
de Heeren Snels van Rietvelt van der
werve en van der dussen
[[1]] Marck Antoine Sauvé schrijfmeester in de Latynsche
schoole overleden synde , js in desselfs plaetse aengestelt
Louis gabriel Capelan, op het ordinaris tractement
van vyftigh guldens jaerllijcks. mits gehoude synde sich te
reguleren naer de Conditien hier voren folio 12, en 12x geregistreert
[1] [Louis gabriel / Cappelan / aengestelt / tot schryf / meester] in de marge
Vergadering gehouden op 17 december 1696 door de heren schoolbestuurders namelijk de heren Snels, Van Rietvelt, Van der Werve, en Van der Dussen.
[[1]] Aangezien Marck Antoine Sauvé, schrijfmeester op de Latijnse school, overleden is, is in zijn plaats aangesteld Louis Gabriël Capelan, met het gebruikelijke salaris van 50 gulden per jaar, mits hij zich houdt aan en zich voegt naar de voorwaarden die hiervoor in folio 12, en 12x geregistreerd zijn.
[1] [Louis Gabriël Capelan Aangesteld als schrijfmeester] in de marge
28v

Corte Staet vande jmcomsten vande scholasters
opgestelt den folio register
wordt jaerlijckx ontfangen vande turff
tonne . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ,, 315-0-0
nogh van Rantsoen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ,, 15-15-0
vande turff tonne nogh . . . . . . . . . . . . . . . . . . ,, 20-0-0
van Rantsoen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ,, 1-0-0
[in de marge Capitael f 500 gulden]
een Rentebrieff van twintigh gulden
sjaers op de Erffgenamen van hendrick
Jacobsen Loij dus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ,, 20-0-0
[in de marge folio 7248 f 1000-]
Een Rentbrieff spreeckende tot
lasten van 't gemeenelants Comptoir
van Gouda ter somme van 1000 gulden Renten ,, 40-0-0
[in de marge folio 7450 f 750-]
nog een Rentebrieff spreeckende
tot lasten ende Comptoire als voornoemd
ter somme van 750 gulden renten ,, 30-0-0
[in de marge folio 4169 f 800-]
nogh een rentebrieff van 800 gulden
Capitael gefoliert 4169 verschijnt 4 Julij
Rentende sjaers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ,, 32-0-0
[in de marge folio 4706 f 700-]
nogh een Rentebrieff van 700 gulden
gefoliert 4706. 24 november Rentende ,, 28-0-0
[in de marge folio 4965 f 600-]
nogh een Rentebrieff van
600 gulden Capitael gefoliert 4965
verscheijnt september rentende . . . . . . . . . . . ,, 24-0-0
[in de marge folio 6314 f 600-]
nogh een rentebrieff van 600 gulden
Capitael gefoliert 6314 verscheijnt
den september rentende . . . . . . . . . . . . . . . . . ,, 24-0-0
[in de marge [folio 4179 f 800-]
nogh laestlijck een rentebrieff
van 800 gulden Capitael gefoliert
4179 verscheijnt den 10 december renten ,, 32-0-0
-------------------- --------------------
5.750 £ 581-15-0
Vergadering gehouden bij
scholarchen den 31 may 1698 prensent
de Heeren Snels, vander Werve,
van Rietvelt, en van der Dussen
Korte staat van de inkomsten van de schoolbestuurders
opgemaakt in het folio register.
Er wordt jaarlijks ontvangen van het turf tonnen 315-0-0
Plus opgeld 15-15-0
Van het turf tonnen eveneens 20-0-0
Plus opgeld 1-0-0
[in de marge Kapitaal /500 gulden]
Een rentebrief van 20 gulden per jaar ten laste
van de erfgenamen van Hendrik Jacobsen Loij dus 20-0-0
[in de marge folio 7248 f 1000-]
Een obligatie op naam van het gemenelands
kantoor van Gouda ter grootte
van 1000 gulden. Rente 40-0-0
[in de marge folio 7450 f 750-]
Nog een lening zegge, ten laste van het
eerdergenoemde kantoor,
een som van 750 gulden. Rente 30-0-0
[in de marge folio 4169 f 800-]
Nog een lening van 800 gulden kapitaal,
geboekt 4169, vervalt 4 juli
Rente per jaar 32-0-0
[in de marge folio 4706 f 700-]
Nog een lening van 700 gulden,
geboekt 4706, rente per 24 november 28-0-0
[in de marge folio 4965 f 600-]
Nog een lening van 600 gulden kapitaal,
geboekt 4965 de rente vervalt
In september 24-0-0
[in de marge folio 6314 f 600-]
Nog een lenig van een som van 600 gulden,
geboekt 6314, rente vervalt
In september 24-0-0
[in de marge folio 4179 f 800-]
Ten slotte nog een rentebrief van 800 gulden
kapitaal, geboekt 4179,
en de rente vervalt op 10 december 32-0-0
-------------- ---------------
5750 £581-0-0
Vergadering gehouden door de schoolbestuurders op 31 mei 1698. Present de heren Snels, Van der Werve, Van Rietvelt en Van der Dussen.
29r

Nagesien Sijnde de Retroacta hoedaenigh
de scholasterije Gecomen is aen
het reght van de Turff tonnen ende
slagh mandens, en op Wat Conditie
het selve verpaght word js Goed
gevonden ende verstaen dat
alle het Gene Gevonden is, hier
onder te doen registreren
Extract uijt t vroedschapen der Stad Gouda
folio 258
[[1]] Ten selven dagen bij de Burgermeesteren Gemoveert
sijnde dat de jncomsten van de school Gelden
niet soo veel en Moghten uijt brengen als t
jaerlijckx onderhout vande schoolmeesters
bedraeght, wesende tot vier in Getaelen Soo
is na onderlinge conqcatie verstaen ende Geresol-
veert, dat men de jncomsten van de Turfftonnen
eerteijts bij die Geteijden, en nu bij die heijli-
Geest ontfangen bijt expireren van de paghten
van dien weder ten behoeven van de Stad aen
vaerden ende doen verpaghten Sal, omme de
jncomsten ter selver tot onderhout van de
scholen verstreckt te worden
Actum ter Vroedschap den 13en Desember
1578
[[2]] Ordonnantie ofte voorwaerde waer naer de Heeren
schoollasters der Steede van der Goude verpaghten
sullen de turfftonnen voor de tijd van een jaer
binnen der Stede ende vande turff die jn Goude-
Rack voor de steen plaetsen Getont word
[1] [de Turftonnen te / verpagten] in de marge
[2] [Ordonnantie op het / verpagten van de / Turftonnen] in de marge
Nadat alle voorgaande stukken waren nagekeken op welke wijze de scholengemeenschap gekomen was aan het recht van het turf tonnen en op de manden voor het wegen, op welke voorwaarden het verpacht werd, is goedgekeurd en begrepen dat men al hetgeen daarover gevonden is, hierna zal laten registreren.
Uittreksel uit de Vroedschap van Gouda. folio 258.
[[1]] En juist in die tijd werd bij de burgemeesters ter sprake gebracht dat de inkomsten uit de schoolgelden niet zoveel opleverden als het jaarlijks onderhoud van de schoolmeesters kostte, waarvan er 4 zijn. Toen is na onderling overleg begrepen en beslist dat men de inkomsten van het turf tonnen die men voorheen van de getijden en nu van de Heilige Geest ontving, bij het verlopen van de pacht weer ten behoeve van de stad te aanvaarden en opnieuw te verpachten. Deze inkomsten moeten aan de school verstrekt worden tot onderhoud.
Akte van de Vroedschap 13 december 1578
[[2]] Voorschrift of voorwaarde waarop de heren schoolbestuurders van Gouda het turf tonnen binnen de stad voor de tijd van een jaar zullen verpachten, plus van de turf die in Gouderak voor de steenplaatsen wordt getond.
[1] [Het verpachten van het turf tonnen] in de marge
[2] [Voorschrift voor het verpachten van het turf tonnen] in de marge
29v

Jnden Eersten Sal Men Moeten Geven van
een schouwe turff eene stuiver 8 penningen ladende
op xij , en beneden de xij tonnen halff Gelt
van Schuijties die met de ton vercopen xij penningen
van tien tonnen en daer beneden viij penningen
Van Waddinxveense, Moordreghtse en Sevenhuijsen
schepen drie stuivers, ladende beneden de twintigh
tonnen halff Gelt
Van een over rijnschip vier stuivers, ladende
beneden de vijftigh tonnen halff Gelt
De potten ofte Schepen Comende Van Vrieslant
van ijder 100 tonnen twee stuivers aght penningen, ofte
bij stapelingh Naer Advenant
Jtem de uijtsleijters van de Turff Sullen een tonne
halen, ende jnt haer Schuijr houden, Staende Mogen
houden omme te besigen, mits van Elcke hondert
tonnen die Sij uijt Meten betalende vier stuivers
Wel verstaende dat hier van vrij Sal Sijn
den turff die buijten de vrijdom deser Stede
Gecoght ende getont word, mitsgaders den
turff die vorder Gecoght ende Gedistribueert
word
Voort Sal Vrij Wesen daghvelts Turff
Comende van over rijn vincken, vleters
en Moijert.
Zullen Voorts Alle de Geenen met turff
te Marckt Comende Gehouden Wesen alleer
Ten eerste zal men voor een schuit turf 1 stuiver en 8 penningen moeten betalen voor een lading van 12 tonnen en onder de 12 tonnen half geld. Voor schuiten die per ton verkopen 12 penningen voor 10 tonnen en daaronder 8 penningen.
Van schepen uit Waddinxveen, Moordrecht en Zevenhuizen 3 stuivers, voor ladingen onder de 20 tonnen half geld.
Van schepen over de Rijn 4 stuivers, met een lading onder de 50 tonnen half geld.
De potten of schepen die uit Friesland komen per 100 tonnen 2 stuivers 8 penningen of bij stapeling in evenredigheid daarmee.
Ook de handelaren van de turf zullen een ton ophalen en gedurende het jaar in een schuur op voorraad mogen houden om te gebruiken, mits zij over elke 100 tonnen die zij meten 4 stuivers betalen.
Het spreekt vanzelf dat de turf hiervan vrij zal zijn die buiten de vrijdom van deze stad gekocht en afgemeten wordt en bovendien dat de turf verder gekocht en verdeeld wordt.
Verder zal vrij zijn de dagveldturf die over de Rijn komt in vinken, vletten en lichte schuiten
Verder zullen al diegenen die met turf op de markt komen, verplicht zijn voordat
30r

Sij lossen van Haer Turff een teken te Halen
tot de pachter t Sij off Sij Luijden de tonnen
besigen dan niet, op pene van een Croon
tot proffijten van den pachter, Gelijck oock
Gehouden sullen Wesen te doen Alle de Gene
die buijten deser Steden eenige turff Schuijren
hebben ofte op leggen Sullen, daer van t Reght van
Tonnen Mede betaelt Sal worden als boven
Sal den op Siender johan van Hoorn vermogen
voort te breecken [[1]], als onbequaem, en Soo ijmant
in Gebreeken bevonde Moghte worde, ende t
gunt voorseide is niet en wilde na Comen
Sal Hij de schoolasters den Gebreecke over-
leveren, omme daer inne voorsien te
worden Als naer behoren
Een Paghter Sal Gehouden Wesen de tonnen
ende Manden te houden Staen op de turff
marct, ende bij Gebreecke van dien, ende dat
daer Claghte omme quamen, Sullen de school-
lasters jn der tijt daer voor mogen doen Maken
nieuwe Tonnen ofte Manden Soo Veel alser van
doen wesen Sullen, oock tot Costen en Lasten
vande Paghter en Sijne borgen verhaelen T
geen voorseide Staet
Jtem den Paghter Sal Gehouden wesen te betalen
alle maent in handen vande scholasters ofte
haere Gecommitteerden een Gereght Twaelffde deel vande
Paght op pene van hem paratelijck te Executeren
Ende bij Gebreecke van betalinge telcken dage
voorseide ende onderhoudenisse van Alle t Geene
voorseide Staet, Sal men t selve Mogen verhalen
aenden Paghter ofte sijne borgen, Gelijck andere
Stadts Goederen Geinnet worden int Geheel
ofte jn Deel ofte Met Sulcken Reght als de
scholasters believen
[1] [alle oude tonnen] interlineair
zij hun turf lossen, een teken te halen bij de pachter ongeacht wie de tonnen leegt, op straffe van een kroon ten bate van de pachter. Zoals ook iedereen dat zal behoren te doen die buiten deze stad een schuur met turf heeft of die zal opleggen. Iedereen zal daarvan het tonrecht moeten betalen zoals hierboven.
Zo zal de opzichter Johan van Hoorn bevoegd zijn alle oude tonnen af te keuren als ongeschikt en als iemand zo in gebreke zou zijn gebleven en hetgeen voorgeschreven is niet wil nakomen dan zal Johan van Hoorn aan de schoolbestuurders deze nalatigheid overdragen zodat zij in die zaak passende maatregelen kunnen nemen.
Een pachter is verplicht de tonnen en de manden op de turfmarkt te onderhouden en als hij daarbij in gebreke blijft en als er klachten over komen dan zullen de schoolbestuurders mettertijd daarvoor nieuwe tonnen of manden mogen laten maken en wel zo veel als er nodig zijn. En dat alles op kosten en ten laste van de pachter en zijn borg, zoals dat voorgeschreven is.
Evenzo zal de pachter verplicht zijn een exact twaalfde deel van de pacht per maand in handen van de schoolbestuurders of hun afgevaardigden te betalen op straffe van het zonder verdere vorm van proces ten uitvoer brengen van de boete.
En bij het in gebreke blijven van de betalingen op de eerder genoemde dagen en om al hetgeen genoemd is, zal men het genoemde mogen verhalen op de pachter of zijn borg, zoals andere stadsgoederen geheel of gedeeltelijk geïnd worden of met een zodanig recht als het de schoolbestuurders beter uitkomt.
30v

Ofte sullen oock de scholasters in der tijd
vermogen indient hen luijden Gelieft
wederomme te verpaghten dese turff tonnen
bij Gebreecke van betaellinge, ofte onder-
houdenisse vant Geene voorseide staet, en waer
minder Gelt salmen verhaelen aende voorseide
paghters en sijne borgen, en Geltse Meer
dat sal wesen tot proffijt vanden schoole
Men sal den Paghter en Geen Affslagh ofte
verset doen van wat inconvenienten datter
oock op de pght soude moogen Comen in
wat Manieren t selve oock soude Mogen
Gebeuren, Nogh den Paghter Sal Geen
Penningen van sijne Paght Mogen jnne houden
uijt Saecke dat hem tegens de scholasters
eenige Actie Soude Mogen Competeren t sij
van de Ordonnantie ofte van Eenige
jnconvenient Als voorseide staet
Maer betaelt Hebbende Telckens sijn Termeijn
alst behoort Sal als dan Sijne pretensie Actie
jegens de scholasters mogen jntenteren ende
te werck leggen
Ende sal den Paghter boven desen nogh Gehouden
wesen Gereet te betalen van elcke Gulden eene
Stuiver tot Rantsoen sonder daer van Eenige Cortinge
te doen, omme daer Mede te vervallen de oncoste
van dese verpaghtinge, Den Secretaris twee Gulden
en aende Roepers eene Gulden over haere moeyte
en besongnes in desen
Dese Paght Sal jngaen den 24 junij toecomende
en Expireren den 23en junij daer aen volgende
maeckende den tijt van een jaer
Of in die tijd mogen de schoolbestuurders, als zij dat willen, dit turf tonnen opnieuw verpachten als er niet betaald wordt of als men zich niet houdt aan de voorschriften. En waar men minder geld ophaalt bij de eerdergenoemde pachters en hun borgen, des te meer geld zal er dan wezen tot profijt van de school.
Men zal de pachter geen korting of vergoeding geven, welke bezwaren er ook op de pacht zouden kunnen komen en op welke manier het ook zou kunnen gebeuren. De pachter zal ook geen penningen van zijn pacht mogen achterhouden om zaken die hem bij acties tegen de schoolbestuurders rechtens toekomen en evenmin uit een eerdere overeenkomst of bezwaar.
Maar als hij telkens zijn termijn betaalt zoals dat behoort dan zal hij zijn actie voor aanspraak tegen de schoolbestuurders in de vorm van een proces kunnen beginnen en ten uitvoer brengen.
Buiten dit alles zal de pachter nog verplicht zijn om van elke gulden een stuiver te betalen als opgeld, zonder daarop enige korting te krijgen om daarmee de onkosten van deze verpachting te dekken, aan de secretaris 2 gulden en aan de omroepers 1 gulden voor hun moeite en werk hiervoor.
Deze pacht zal ingaan op 24 juni a.s. en aflopen op 23 juni daaropvolgend, hetgeen de tijdsduur is van 1 jaar.
31r

Een paghter sal Gehouden wesen binnen den
tijdt van vier en twintigh uijren te Stellen
te stellen Goede suffisante Cautie, daer mede
de scholasters te vrede sullen sijn, en dat onder
de Renunciatie van de beneficien van excussie
devisionis et ordinis, omme als principael aen
gesproken te Mogen worden
Ende sal den Paghter met sijne borgen als
prinsipael binnen de voorzeide tijd van
24 uijren bij schepenen laten Condemneren
omme de voorzeide Conditien en voorwaerden te
voldoen ende beloofde penningen te betalen
al op pene van Andermael te verpaghten
als voren
Wel verstaende dat niemant sal Mogen
Paghten die van de voorgaende paght meerder
dan eene Maent schuldigh is
Extract uijt het Camerbouck der stad Gouda
De Burgermeesters der stede van ter Gouda omme
te faciliterende Collecte van de turff tonnen,
hebben Geauthoriseert, en Authoriseren bij
desen den Portier vande Potters Poort, nu ofte
namaels wesende omme ten versoecken vande
Paghter ofte Collecteur in der tijd te doen
alle Arresten op Persoonen en Goederen daer
jnne hij Gelooft sal Hebben
op sijnen Eed, en sal daer op Reght Gedaen
worden in alle Vougen als off de selve Arreste
bij een van de Geswooren boodens Gedaen waren
actum jn den 1 juny 1615. present schoonhoven
Loncq en de Lange Burgermeesters
Extract uijt het Camerbouck der stad gouda
Een Paghter vant verlaet in de steden Cingel
bij de Cortackeren wort Gelast en Geauthoriseert
opt versoeck vande Respective Paghters
vande turff tonnen te Houden Leggen off niet
door te laten de Persoonen die jn Gebreecke
De pachter is gehouden binnen vierentwintig uur te zorgen voor een goede, toereikende borgstelling, dit tot genoegen van het schoolbestuur. Daarbij moet afstand worden gedaan van het recht om te verlangen dat het vermogen van de schuldenaar wordt uitgewonnen voor dat de borg zelf kan worden aangesproken.
De pachter en zijn borgen als principaal zullen zich binnen de voornoemde tijd van 24 uur bij de schepenen melden om aan de voornoemde condities en voorwaarden te voldoen en de beloofde penningen te betalen op straffe van het opnieuw verpachten zoals hiervoor vermeld.
Met dien verstande dat niemand zal mogen pachten als hij bij een voorgaande pacht meer dan een maand achterstallig is.
Uittreksel uit het Kamerboek van GoudaDe burgemeesters van Gouda hebben, om de betaling van het turf tonnen te faciliteren, bij deze de poortwachter van de Potterspoort volmacht gegeven om nu of later een verzoek dat de pachter of de collecteur mettertijd doet om beslaglegging te doen op personen en goederen, naar eer en geweten en onder ede te doen Daarop zal recht gesproken worden in alle gevallen alsof de beslaglegging plaats heeft gevonden door een beëdigde deurwaarder.
Waarvan akte 1 juni 1615. Present Schoonhoven, Lonq en De Lange, burgemeesters.
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda. Een pachter van de sluis in de stadssingel bij Korte Akkeren wordt opgedragen en gemachtigd op verzoek van de betreffende pachters van het turf tonnen om personen die in gebreke blijven of weigeren hun tonnengeld te betalen, tegen te houden en niet door te laten.
31v

blijven ofte weijgeren sijn Heur tonnegelt
te betalen mits dat verstaen word dat
hier inne gebruijckt sal worden alle
goede discretie, en niemant t' onreght ofte
Light vaerdelijck Gemolesteert Actum
den 14 November 1615. bijt Collegie
Extract uijt het Camerbouck der stad gouda
De Heeren Magistraten der Steden van der
Goude Hebben Geaccordeert en Accorderen
bij desen, dat de Respective Paghters
van de turff tonnen [[1]] ofte Manden uijt doen,
soo wanneer sij de luijden die daer van
comen niet wel en vertrouwen daer jnne,
sij sullen hebben te Gebruycken alle Goede
kennisse Actum den 14en November 1615
bijt volle Collegie.
resolutie van de Heeren scholarchen
Een Paghter sal Gehoude wesen tot Allen
tijden des vermaent sijnde bij den opsiender
ofte Rentmeester van de scholasterije alle
sijne tonnen ende Manden bij de hand te houden
om de selve te ijcken en te Meten soo dick-
mael hij daer toe Aengemaent sal worden
bij den opsiender ofte Rentmeester, op de
boeten van drie Gulden soo Menighmael
Hij weijgerigh bevonden sal worden dese
ampliatie is gemaeckt bij de Heeren
scholasters Actum den Laesten Meij 1647
1663
Willem Nicolaes Priem is Hooghst
jnsetter ter somme van Twee hondert
gulden wint een treck Penningen van
5 Gulden.
Den selven Willem Priem Mijnt op
hondert en vijftien Gulden en is Paghter voor
en is paghter voor drie hondert en vijftien
gulden voor ijder jaer, en dat voor twee
[1] [sulle vermoge pand / te eysschen, en ontfange / aleer sij de tonnen] in de marge, invoegen
Daarbij spreekt het vanzelf dat hierbij alle goede discretie in acht zal worden genomen en dat niemand ten onrechte of lichtvaardig wordt lastig gevallen. Waarvan akte op 14 november 1615 door het college.
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda. De heren magistraten van Gouda zijn bij deze overeengekomen dat de betreffende pachters een pand zullen mogen eisen en krijgen voordat zij voor het wegen de tonnen of manden ‘uitdoen’, zodat zij al hun ervaring kunnen gebruiken als zij mensen die ermee komen, niet vertrouwen. Waarvan akte op 14 november 1615 door het college.
Besluit van de heren schoolbestuurders. Een pachter is verplicht te allen tijde op bevel van de opzichter of de rentmeester van de scholengemeenschap al zijn tonnen en manden bij de hand te hebben om die te ijken en te meten zo vaak als hij daarvoor een opdracht krijgt van de toezichthouder of de rentmeester. De boete bij weigering is 3 gulden per keer. Deze uitbreiding is door de heren schoolbestuurders opgesteld op 31 mei 1647.
1663
Willem Nicolaes Priem is de hoogste bieder met een som van 200 gulden en wint een bewijspenning van 5 gulden.
Dezelfde Willem Priem biedt op 115 gulden en is pachter voor 315 gulden per jaar en dat voor 2
32r

jaren, mits betalende ijder jaer het Rantsoen
en den Rentmeesters sijn salaris jngaende den
24en junij 1663
[[1]] Lijste wat men betaelen moet aenden
Paghter van de Turfftonnen en opslagh
mandens
van een ton tot 5 tonne toe - - 0-0-6
van 5 tot 10 tonnen - - - - - 0-0-12
van 10 tot 15 tonnen - - - - - 0-1-
van 15 tot 20 tonnen - - - - - 0-1-8
van 20 tot 25 tonnen - - - - - 0-1-12
van 25 tot 30 tonnen - - - - - 0-2-
van 30 tot 35 tonnen - - - - - 0-2-4
van 35 tot 40 tonnen - - - - - 0-2-8
van 40 tot 45 tonnen - - - - - 0-2-12
van 45 tot 50 tonnen - - - - - 0-3-
van 50 tot 55 tonnen - - - - - 0-3-2
van 55 tot 60 tonnen - - - - - 0-3-4
van 60 tot 65 tonnen - - - - - 0-3-6
van 65 tot 70 tonnen - - - - - 0-3-8
van 70 tot 75 tonnen - - - - - 0-3-10
van 75 tot 80 - - - - - - - - 0-3-12
van 80 tot 85 - - - - - - - - 0-3-14
van 85 tot 90 - - - - - - - - 0-4-0
van 90 tot 95 - - - - - - - - 0-4-2
van 100 - - - - - - - - - - 0-4-4
De eerste 10 tonnen - 6 duijten
De tweede 10 tonnen - 10 duijten
De driede 10 tonnen - 16 duijten
De vierde 10 tonnen - 20 duijten
De vijfde 10 tonnen - 24 duijten
Als ijemandt uijt de schuijren ofte van ijmants
solder opdoet ofte Coopt salmen moeten
[1] [Lijste van het / reght der / Turftonnen en / opslag van / mandens] in de marge
jaar, als men ieder jaar de opcenten en het salaris van de rentmeester betaalt, met ingang van 24 juni 1663.
[[1]] lijst van wat men moet betalen aan de pachter van het turf tonnen en de opslag van de manden.
van 1 tot en met 5 ton - - - 0-0-6
van 5 tot 10 tonnen - - - - 0-0-12
van 10 tot 15 tonnen - - - - 0-1-
van 15 tot 20 tonnen - - - - 0-1-8
van 20 tot 25 tonnen - - - - 0-1-12
van 25 tot 30 tonnen - - - - 0-2-
van 30 tot 35 tonnen - - - - 0-2-4
van 35 tot 40 tonnen - - - - 0-2-8
van 40 tot 45 tonnen - - - - 0-2-12
van 45 tot 50 tonnen - - - - 0-3-
van 50 tot 55 tonnen - - - - 0-3-2
van 55 tot 60 tonnen - - - - 0-3-4
van 60 tot 65 tonnen - - - - 0-3-6
van 65 tot 70 tonnen - - - - 0-3-8
van 70 tot 75 tonnen - - - - 0-3-10
van 75 tot 80 - - - - - - - 0-3-12
van 80 tot 85 - - - - - - - 0-3-14
van 85 tot 90 - - - - - - - 0-4-0
van 90 tot 95 - - - - - - - 0-4-2
van 100 - - - - - - - - - 0-4-4
De eerste 10 tonnen - 6 duiten
De tweede 10 tonnen - 10 duiten
De derde 10 tonnen - 16 duiten
De vierde 10 tonnen - 20 duiten
De vijfde 10 tonnen - 24 duiten
Als iemand iets uit de schuren of van iemands zolder haalt of koopt, zal men
[1] [lijst van het recht van het turf tonnen en opslag van manden] in de marge
32v

betaelen tot 12 tonnen toe ijder tonne een
duijt 15 tonnen sal betaellen niet meer
als 1½ tot 20 tonnen toe, en voort van ijder
vijff tonnen dat meerder Getouwt wordt
sal men betalen twee duijten en wat boven
de vijff loopt ofte tien sal de Geheele wette
betalen, Als bij Exempel 91.92.93.94. sal
moeten betalen tot 95 toe, van 96, 97.98 sal
moeten betaelen tot 100 toe, dat beloopt het
100 5 stuivers, dit wordt verstaen van haert-
brant de vrietsche als van oudts, dat is
vant 100 2½ stuivers en 3 stuivers –
Vergadering gehouden van
scholarchen den 21e juny 1698 present
de Heeren Snels, vander werve
Rietvelt en vander Dussen.
[[1]] geresumeert sijnde, de retroacta op het Reght vande
Turfftonne, en slagmandens, hier voren geregistreert
js naer voorgaende deliberatie goed gevonden en
verstaen op de voornoemde conditien en op gevolgde ampliatien
gerrit Maerling te continueren als paghter van het
voornoemde reght voor de tijd van een jaer voor een
somma driehondert vijfthien guldens ingaende den 24 juny
1698 en eyndigende de 23 junij 1699.
Mits doende de collecte volgens de Lyste hier na
geinsereert sijnde gedresseert sodanig als deselve
jegenwoordigh in practyque js.
Lyste waer na betaelt sal
[1] [Continuatie / pagter van de / Turftonnen] in de marge
moeten betalen: tot 12 tonnen 1 duit per ton, van 15 tot 20 tonnen niet meer dan anderhalve duit en verder van elke 5 ton die meer getond wordt moet men 2 duiten betalen en voor wat boven de vijf of tien ton uitkomt, zal men de volledige boete moeten betalen. Als het bijvoorbeeld 91,92,93,94 is, zal men als voor 95 moeten betalen en van 96,97,98 zal men als voor 100 moeten betalen en bij 100 wordt dat dan 5 stuivers. Hier heeft men het over de Friese brandstof voor de haard zoals vanouds, dat is van 100 twee en een half stuivers en 3 stuivers.
Vergadering gehouden door de schoolbestuurders op 21 juni 1698. Present de heren Snels, Van der Werven, Rietvelt, en Van der Dussen.
[[1]] Na het samenvatten van en de terugblik op de voorafgaande stukken van het recht op het turf tonnen en het mand wegen , die hiervoor waren geregistreerd, is na voorafgaand overleg goedgevonden en begrepen dat op de voornoemde voorwaarden en met de volgende uitbreiding Gerrit Maerling pachter blijft van het voornoemde recht voor de tijd van 1 jaar voor 315 gulden. Dit gaat in op 24 juni 1698 en eindigt op 23 juni 1699.
Mits de inzameling volgens de lijst hierna is gedaan en ingevoegd en zodanig is vormgegeven als het inde huidige praktijk is.
Lijst van hoe er betaald zal
[1] [voortzetting van de pacht van het turf tonnen] in de marge
33r

worden het reght op de Turff
tonnen en slagmandens competerende
de scholasterye deser stad.
van yder ton tot 20 incluys van yder
een duyt ƒ 0-2
van 21 tonnen tot 50 tonnen jncluijs 0-3-
tot 60 tonnen 0-3-4
tot 70 tonnen 0-3-8
tot 100 tonnen 0-4-
en daer boven naer advenant
van de Vriessen swarte turff
die in de stad word Getont de
100 tonnen 0-3-
Minder en Meerder naer Advenant
van de vriesse turff die jn de Gouwe
word Getont van de 100 Tonnen 0-2-8
Minder en Meer naer Advenant
van de Vriesse Turff die op den
ijssel bij de steen backers en
andere neringen word opgedaen
van de 100 tonnen 0-2-8
Minder en Meerder naer Advenant
van den staten Turff de 100 tonnen 0-0-8
van Minder en Meerder naer
Advenant.
Tot nacominge van de vooren staende Conditien en
tot betalinge van de voorzeide paght hebben wij ons ondergest
gestelt tot borgen yder in solidum voor de gansche somma
Actum den
worden voor het recht van het turf tonnen en het slag manden dat rechtens toekomt aan de scholengemeenschap van deze stad.
Van elke ton tot en met 20 ton
1 duit per ton 0-2
Van 21 tot en met 50 ton 0-3
tot en met 60 ton 0-3-4
tot en met 70 ton 0-3-8
tot en met 100 ton 0-4
en daarboven in evenredigheid
Van de Friese zwarte turf
die in de stad wordt getond
per 100 ton 0-3
minder en meer in evenredigheid
Van de Friese turf die in de Gouwe
wordt getond per 100 ton 0-2-8
minder en meer in evenredigheid
Van de Friese turf die op de IJssel,
bij de steenbakkers en andere neringen
wordt verkregen per 100 ton 0-2-8
minder en meer in evenredigheid
Van de Friese turf per 100 ton 0-0-8
minder en meer in evenredigheid
Voor het nakomen van de hierboven staande voorwaarden en de betaling van de eerder genoemde pacht, hebben wij ons beschikbaar gesteld als borg, ieder persoonlijk voor de hele som. Waarvan akte.
33v

Vergadering van scholarchen
gehouden den 22 december 1699.
present de Heeren Snels, van Rietveld
en van der Dussen
[[1]] Js goed gevonden ende verstaen den preceptor in den tweede schoole
Johan van Rosendael voor den jare 1699 te geven een
honorarium van vyftigh guldens ende daer in voor het
toecomende jaerlyck te continueren, mits sigh verbindende
gelyck hy doet by desen, buyten consent van de Heeren
scholarchen synen dienst in de schoolen niet te sullen
verlaten.
Joan van Roosendael
[1] [aan den preceptor / rosendaal / een honorari / um van ƒ 50 gulden / jaars] in de marge
Vergadering van schoolbestuurders gehouden op 22 december 1699. Present de heren Snels, Van Rietveld en Van der Dussen
[[1]] Het is goedgevonden en begrepen om de preceptor op de 2e school, Johan van Rosendael, een honorarium van 50 gulden te geven voor het jaar 1699 en dat in de toekomst jaarlijks voort te zetten, mits hij zich, en dat doet hij bij deze, verbindt om zijn dienstverband met de school niet op te zeggen zonder de toestemming van de heren schoolbestuurders.
Johan van Rosendael
[1] [aan de leraar Rosendaal een honorarium van 50 gulden jaarlijks] in de marge
34r

Corte staet vande jncomsten
vande schoolasterije opgestelt
den 11 meij 1708
woort jaerlijckx ontfangen vande
turff tonne ƒ 335-0-0
nogh van Rantsoen a 1 stuiver 16-15-0
is gecollecteerd vande rune tonne 35-13-0
[in de marge Capitalen ƒ 500-0-0]
een rentebrieff van 20 gulden sjaers op de
Erffgenamen van Henderick Jacobszoon loij ,, 20-0-0
[in de marge Fol 7243 ƒ 1000-0-0]
een rentebrieff spreckende tot lasten
van't gemeenelants Comptoir van
Gouda tersomme van 1000 gulden. rents ,, 40-0-0
[in de marge 7450 ƒ 750-0-]
nogh een rentebrieff ter somme van
750 gulden rents ,, 30-0-0
[in de marge 4169 ƒ 800-0-0]
nogh een rentebrieff van 800 gulden
verscheijt 4 Julij renten ,, 32-0-0
[in de marge 4706 ƒ 700-0-0]
nogh een rentebrieff van 700 gulden
verscheijnt 24 november. renten ,, 28-0-0
[in de marge 4965 ƒ 600-0-0]
nogh een rentebrieff van 600 gulden
verscheijnt september. renten ,, 24-0-0
[in de marge 6314 ƒ 600-0-0]
nogh een rentebrieff van 600 gulden
verscheijnt september. renten ,, 24-0-0
[in de marge 4179 ƒ 800-0-0]
nogh een rentebrieff van 800 gulden
verscheijnt 10 december. renten ,, 32-0-0
[in de marge 6198 ƒ 600-0-0]
nogh een rentebrieff van 600 gulden
aengekoft in de jaer 1699 verscheijnt
Julij renten ,, 24-0-0
[in de marge 3426 ƒ 500-0-0]
nogh een rentebrieff van 500 gulden
aengekoft in de jaer 1704 verscheijnt
23 november. renten ,, 20-0-0
[in de marge 41 ƒ 1000-0-0]
nogh een obligatie ten lasten ende
Compt voorseide van 1000 gulden verscheijnt
16 september. renten 1701 aengekoft ,, 40-0-0
[in de marge 60verso ƒ 1000-0-0]
nogh een obligatie van 1000 gulden
Compt voorseide beleijt den 1 augusti
1707. renten ,, 40-0-0
-------------------- --------------------
ƒ 8850-0-0 £ 741-8-0
Korte staat van de inkomsten van de scholengemeenschap. Opgesteld op 11 mei 1708.
Er wordt jaarlijks ontvangen
van het turf tonnen ƒ 335-0-0
Plus opgeld van 1 stuiver 16-15-0
wordt geïnd van het water tonnen 35-13-0
[in de marge Kapitaal ƒ 500-0-0]
een rentebrief van 20 gulden per jaar op de
erfgenamen van Hendrick Jacobsen Loij ,, 20-0-0
[in de marge folio 7243 ƒ 1000-0-0]
een rentebrief ten laste van het
gemenelands kantoor van Gouda
voor de som van 1000 gulden. Rente ,, 40-0-0
[in de marge 7450 ƒ 750-0-]
nog een rentebrief voor de som van
750 gulden. Rente ,, 30-0-0
[in de marge 4169 ƒ 800-0-0]
nog een rentebrief van 800 gulden
vervalt 4 juli. Rente ,, 32-0-0
[in de marge 4706 ƒ 700-0-0]
nog een rentebrief van 700 gulden
vervalt 24 november. Rente ,, 28-0-0
[in de marge 4965 ƒ 600-0-0]
nog een rentebrief van 600 gulden
vervalt september. Rente ,, 24-0-0
[in de marge 6314 ƒ 600-0-0]
nog een rentebrief van 600 gulden
vervalt september. Rente ,, 24-0-0
[in de marge 4179 ƒ 800-0-0]
nog een rentebrief van 800 gulden
vervalt 10 december. Rente ,, 32-0-0
[in de marge 6198 ƒ 600-0-0]
nog een rentebrief van 600 gulden
aangekocht in het jaar 1699
vervalt juli. Rente ,, 24-0-0
[in de marge 3426 ƒ 500-0-0]
nog een rentebrief van 500 gulden
aangekocht in het jaar 1704 vervalt
23 november. Rente ,, 20-0-0
[in de marge 41 ƒ 1000-0-0]
nog een rentebrief ten laste van het genoemde
kantoor van 1000 gulden vervalt
16 september 1701 aangekocht. Rente ,, 40-0-0
[in de marge 60verso ƒ 1000-0-0]
nog een rentebrief van 1000 gulden
van het bovengenoemde kantoor
1 augustus 1707. Rente ,, 40-0-0
-------------------- --------------------
ƒ 8.850-0-0 £ 741-8-0
34v

Vergadering van de Heeren
scholarchen gehouden den
18 Mey 1708 present de Heeren
snels de grande en van der
dussen
[[1]] Arnoldus van den Brinck preceptor in de eerste
schoole kennisse gegeven hebbende aan de Heeren
scholarchen, dat hij was beroepen als preceptor
in de latynsche schoole tot Rotterdam, en daar
bij gedaan hebbende versoeck om te mogen
hebben dimissie van synen dienst alhier js naar
voorgaande deliberatie goed gevonden en verstaan
de voornoemde dimissie te accorderen, ende de Heeren
Burgermeesteren te versoecken authorisatie, om in desselfs
plaatse een ander bequaam persoon te mogen
aanstellen.
Extract uyt het Camerboeck
der stad Gouda
[[2]] De Heeren scholarchen hebben ter Camere kennisse
gegeven dat Arnoldus van den Brinck preceptor in de
eerste schoole binnen dese stad heeft aangenomen
de preceptors plaats in de Latynschen schoole te
Rotterdam. waar bij de preceptors plaatse van de
eerste schole deser stad synde comen te vaceren
hebben de gemelte Heeren versoght dat haaren
geauthoriseert mogten syn, om een ander bequam
persoon tot vervulling van de voornoemde plaatse
te despicieren. waarop gedelibereert wesende
js goed gevonden en verstaan de voornoemde Heeren te
authoriseren, een bequaem persoon de schoole
dienstig te despicieren ende beroepen. op nader
approbatie van haar Edel groot Achtbaren en sal hiervan
extract gesonde worden aan gemelde Heere om te dienen
tot derselver naright Actum den 18 May 1708
[1] [Dimissie van / Arnoldus van den / Brinck preceptor / in de eerste / schoole] in de marge
[2] [authorisatie om / een ander persoon / te beroepen als / preceptor in de / eerste schoole] in de marge
Vergadering van de heren schoolbestuurders gehouden op 18 mei 1708. Present de heren Snels, De Grande, en Van der Dussen.
[[1]] Arnoldus van den Brink, preceptor op de eerste school, heeft de heren schoolbestuurders laten weten dat hij was beroepen tot preceptor op de Latijnse school te Rotterdam. Daarbij heeft hij verzocht om uit zijn dienst alhier te worden ontslagen. Na beraadslagingen heeft men goedgevonden en begrepen het voornoemde ontslag toe te staan en tevens de heren burgemeesters te vragen om een volmacht om in zijn plaats een andere bekwame persoon te mogen aanstellen.
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda.
[[2]] De heren schoolbestuurders hebben in de kamer laten weten dat Arnoldus van den Brink, preceptor op de eerste school in deze stad, de preceptorsplaats op de Latijnse school te Rotterdam heeft aanvaard. Omdat de preceptorsplaats op de eerste school van deze stad daardoor vacant is geworden, hebben de genoemde heren verzocht om gemachtigd te worden om een andere bekwame persoon voor de invulling van genoemde plaats te zoeken. Waar na overleg is goedgevonden en begrepen de genoemde heren te machtigen om een bekwame persoon die de school kan dienen, te zoeken en aan te stellen. Dit ter goedkeuring van haar Edelgrootachtbaren en hiervan zal een uittreksel gezonden worden aan de genoemde heren om te dienen tot hun informatie. Waarvan akte op 18 mei 1708.
[1] [Ontslag van Arnoldus van den Brink van de eerste school] in de marge
[2] [Machtiging om een ander persoon aan te stellen als leraar op de eerste school] in de marge
35
Onderstaande tekst staat in het kopie exemplaar 0183.6 van het Resolutieboek. Bij tekst die overlapt met het originele exemplaar 0183.1 is de achtergrond lichtgrijs.
61v

van Extract gesonden worden aan
gemelde Heeren om te dienen tot
derselver narigt, Actum den 18en
meij 1708
Vergadering van
de Heeren scholarchen
gehouden den 19 meij
1708 present de Heeren Snels
de Grande, en van der Dussen
[[1]] Jngevolge van de Authorisatie vande
Heeren Burgermeesteren vervat in
haar Edel groot agtbare Resolutie van den
18e dezer maand, Js na voorgaande
deliberatie goed gevonden en verstaan
Adrianus Ketel aan te stellen tot prae-
ceptor in de Eerste schoole in plaatse
van Arnoldus van den Brink, voor
den tijt van vier jaren op een tractement
van drie hondert t seventig gulden
sjaars, ende hier van kennisse te geven aan
de Heeren Burgermeesteren
[1] [Adrianus / Ketel praeceptor / in de eerste schole] in de marge
uittreksel gezonden wordt aan de genoemde heren om te dienen tot hun informatie. Waarvan akte op 18 mei 1708.
Vergadering van de heren schoolbestuurders gehouden op 19 mei 1708, present de heren Snels, De Grande en Van der Dussen.
[[1]] Ingevolge de autorisatie door de heren burgemeesters, vervat in hun Edelgrootachtbare resolutie van de 18e van deze maand, is na voorafgaand overleg overeengekomen om Adrianus Ketel aan te stellen tot preceptor op de eerste school in plaats van Arnoldus van den Brink, voor de duur van vier jaar op een traktement van driehonderdzeventig gulden per jaar, en hiervan kennis te geven aan de heren burgemeesters.
[1] [Adrianus Ketel leraar op de eerste school] in de marge
62r

Extract uijt het Ca-
merboek der stad Gouda
[[1]] Agtervolgens de Authorisatie van den
18e dezer maand meij, hebben de Heeren
scholarchen op Approbatie van de Heeren
Burgermeesteren in plaatse van Arnoldus
van den Brink tot praeceptor in de eerste
schoole binnen dezer stad gedespicieert
en beroepen Adrianus Ketel, waarop
gedelibereert wesende Js goed gevon-
den en verstaan de Heeren scholarchen
te Authoriseren om de voornoemde Persoon
tot Praeceptor in de Eerste schoole aan
te stellen en sal hier van Extract
gesonden worden aangemelte Heeren
om te dienen tot derzelver narigt
Actum den 19 meij 1708,
Vergadering van de
Heeren scholarchen gehouden
den 20 mey 1708, present de
Heeren de Grande en van der dussen,
De Heeren scholarchen hebben
[1] [Approbatie van / voorseide aanstellin / ge] in de marge
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda.
[[1]] Overeenkomstig de autorisatie van 18 mei, hebben de heren schoolbestuurders na goedkeuring door de heren burgemeesters tot preceptor in de eerste school in deze stad benoemd Adrianus Ketel in plaats van Arnoldus van den Brink. Na overleg is goedgevonden om de heren schoolbestuurders te autoriseren de voornoemde persoon tot preceptor op de eerste school aan te stellen. Hiervan zal een uittreksel gezonden worden aan genoemde heren om te dienen als hun bewijs, waarvan akte op 19 mei 1708.
Vergadering van de heren schoolbestuurders gehouden op 20 mei 1708, present de heren De Grande en Van der Dussen.
De heren schoolbestuurders hebben
[1] [Goedkeuring van genoemde aanstelling] in de marge
62v

[[1]] Gejnstalleert Adrianus Ketel tot
Praeceptor in de eerste Latynse schoole,
en den zelven aangemaant om sijnen
dienst met alle mogelijke vigelantie
en applicatie waar te nemen, ende
de discipulen te geven een goede jn-
stitutie, gelijk de discipulen ook
geexhorteert om in alle betamelijke
modestie en obedientie de voornoemde jn-
stitutie te ontvangen, en hebben de
gemelte Heeren de schoolen dezen
dag laten ferieren,
Vergadering van de
Heeren scholarchen
gehouden den 17 october 1711
present alle de Heeren
Is na voorgaande deliberatie goed
gevonden en verstaan door de Heeren
de Grande, en van der Dussen
[1] [Jnstallatie van / Adrianus Ketel / praeceptor in de / eerste schoole] in de marge
[[1]] geïnstalleerd Adrianus Ketel tot preceptor in de eerste Latijnse school, en hem aangemaand om zijn dienst met alle mogelijke waakzaamheid en toewijding waar te nemen, en de leerlingen een goede instelling te geven, en tegelijk ook de leerlingen aan te sporen om in alle betamelijke bescheidenheid en gehoorzaamheid de voornoemde instelling te ontvangen. En de genoemde heren hebben de scholen deze dag vrij laten geven.
Vergadering van de heren schoolbestuurders gehouden op 17 oktober 1711, present alle heren.
Na voorafgaand overleg is goedgevonden en verstaan door de heren De Grande en Van der Dussen
[1] [Installatie van Adrianus Ketel tot leraar in de eerste school] in de marge
63r

[[1]] Aan de Heeren Burgermeesteren
kennisse te doen geven van het
afsterven van den Rector Fabré,
En haar Edel Agtbaren te versoeken om
Authorisatie tot het despicieren
van een ander bequaam Persoon,
en met hem te mogen accorderen
op approbatie van haar Edel groot Agtbaren
Vergadering van
de Heeren scholarchen
gehouden den 19 october 1711,
Present alle de Heeren
[[2]] De Heeren de Grande, en van
der Dussen hebben gerapporteert
dat haar Edele in Voldoeninge van de
Resolutie van den 17 dezer maant
kennisse hadden gegeven van
[1] [Rector Fabre / overleden op den / 15 october 1711] in de marge
[2] [te despicieren / een ander / Rector] in de marge
[[1]] aan de heren burgemeesters kennis te doen geven van het overlijden van rector Fabré. En haar Edelachtbaren te verzoeken om autorisatie voor het zoeken van een andere bekwame persoon en met hem tot overeenstemming te komen tot goedkeuring van haar Edelgrootachtbaren.
Vergadering van de heren schoolbestuurders gehouden op 19 oktober 1711, present alle heren.
[[2]] De heren De Grande en Van der Dussen hebben gerapporteerd dat zij om te voldoen aan de
resolutie van de 17e van deze maand mededeling hadden gedaan van
[1] [Rector Fabré overleden op de 15 oktober 1711] in de marge
[2] [een andere rector zoeken] in de marge
36r

resolutie van den 17 deser maand kennisse hadden
gegeven van het afsterven van den Rector Fabre
en daar benevens overgebraght den authorisatie
van den Heeren Burgermeesteren daarop gevolgt tot
het despicieren van een ander persoon tot Rector
op haar Edel groot Achtbaren approbatie luydende
als volgt.
Extract uyt het Camerbouck
der stad Gouda
[[1]] De Heeren Curateuren en scholarchen hebben ter
camere van den Heeren Burgermeesteren kennisse
gegeven van het afsterven vanden Rector vande
Latynse schoole deser stad Antony Fabré en daar
benevens aangetoont de nootsaackelyckheyd
om spoedig de voornoemde plaatse te moeten suppleren
waar op gedelibereert wesende js goed gevonden
en verstaan de gemelte Heeren Curateuren en
scholarchen te authoriseren, gelyck deselve
geauthoriseert worden by desen, om een bequaam
persoon te despicieren tot de voornoemde rectors plaatse,
en met den selven te accorderen op approbatie
van de Heeren Burgermeesteren. Actum den 19
october 1711 was getekend B.t. van der Dussen
[[2]] De voornoemde authorisatie gelesen synde hebben
de Heeren scholarchen goed gevonden den Heer
van der Dussen te versoecken, om de moeyte op
sig te willen nemen om Arnoldus Henricus
Westerhovius predicant, wonende in
s gravenhage te sonderen, of syn hy genegentheyd
soude mogen hebben tot het voornoemde vacerende
rectoraat.
Vergadering van den Heeren scholarchen
gehouden 1 november 1711 present alle de
Heeren scholarchen
[[3]] Op huyden den 1 november 1711 hebben de Heeren
curateuren en scholarchen der stad gouda
uyt craghte van de authorisatie van de Heeren
Burgermeesteren in dato 19 October 1711 aangestelt
[1] [authorisatie / tot het aan / stellen van een / ander Rector] in de marge
[2] [Arnoldus / henricus Wester / hovius te / sonderen tot de / rectorsplaatse] in de marge
[3] [Arnoldus henricus / Westerhovius / aangestelt tot / rector en het / contract] in de marge
resolutie van de 17e van deze maand een mededeling hadden gedaan betreffende het overlijden van rector Fabré en daarnaast de volmacht van de heren burgemeesters die daarop volgde, overgebracht om te zoeken naar een andere persoon als rector met de goedkeuring van haar Edelgrootachtbaren, en die luidt als volgt
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda.
[[1]] De heren curatoren en schoolbestuurders hebben in de Kamer van de heren burgemeesters kennisgegeven van het overlijden van de rector van de Latijnse school van deze stad, Anthony Fabré, en daarmee hebben ze tevens de noodzaak aangetoond om spoedig de voornoemde plaats in te vullen. Na overleg is goedgevonden en begrepen de genoemde heren curatoren en schoolbestuurders te machtigen en hun hierbij dan ook de machtiging te verlenen om een bekwame persoon te zoeken voor het rectorsambt en het met hem eens te worden behoudens de goedkeuring van de burgemeesters. Waarvan akte, 19 oktober 1711. Getekend door B.T. van der Dussen.
[[2]] Na de eerder genoemde machtiging gelezen te hebben, hebben de heren schoolbestuurders het goed gevonden de heer Van der Dussen te verzoeken om de moeite op zich te willen nemen om Arnoldus Henricus Westerhovius, predikant, wonende te Den Haag te polsen of hij genegen zou zijn het genoemde vacante rectoraat te aanvaarden.
Vergadering van de heren schoolbestuurders op 1 november 1711. Present alle heren schoolbestuurders.
[[3]] Heden 1 november 1711 hebben de heren curatoren en schoolbestuurders van Gouda, krachtens de volmacht van de heren burgemeesters per 19 oktober 1711 bij deze aangesteld
[1] [volmacht voor het aanstellen van een andere rector] in de marge
[2] [Arnoldus Henricus Westerhovius te polsen voor de rectorsplaats] in de marge
[3] [Arnoldus Henricus Westerhovius als rector aangesteld en het contract] in de marge
36v

gelyck deselve aanstellen by desen Arnoldus
Henricus Westerhovius predicant woonende
in s gravenhage, tot Rector van de Latynse
schoolen binnen dese stad. voor den tyd van
seven eerstvolgende jaren ingang nemende
dato deses, en dat op een Tractement van
seshondert en vyftig guldens te betalen
alle drie maanden by den Heer Thesaurier
deser stad, nog hondert guldens jaarlycks
te betalen by de Heeren Fabryckmeesteren deser
stad in plaatse van Turf en houd, dat voorgaande
Rectores in voorige tyden genoten hebben,
en nog op hondert guldens te betalen alle
drie maanden by den Rentmeester van de voornoemde
schoole, uyt de middelen en incomste van de
scholaraye uytmakende tesamen aght hondert
en vyftig guldens, daar en boven nog het Minerval
van synen ofte de hoogsten schoole, en eyntelick
nog thien guldens van de Heeren Fabryckmeesteren
waar voor hy gehouden sal syn het woonhuys,
tgeen hy voor niet sal bewoonen, mitsgaders
de schoolen glasdight te houden, gelyck deselve
aan hem in diervoegen overgegeven sullen worden
gelyck hy deselve oock in die staat wederom ten
uyteynden van synen dienst aan de stad overgeven
sal moeten Ende sal den voornoemde Rector gedurende
de voornoemde jaren geen ander rectoraat, of ander
employ mogen aannemen als op expres consent
van de heeren Curateuren, en dit alles op approbatie
van de Heeren Burgermeesteren.
[[1]] Extract uyt het Camerbouck
der stad Gouda.
den 2 November 1711.
Is ter vergadering gelesen het contract
[1] [approbatie van het / voornoemde accort] in de marge
Arnoldus Henricus Westerhovius, predikant, wonende in Den Haag, als rector van de Latijnse school in deze stad voor de tijd van 7 opeenvolgende jaren met ingang van heden. Dat met een traktement van 650 gulden te betalen elke 3 maanden door de thesaurier van deze stad. Daarbij nog 100 gulden per jaar te betalen door de stadstoezichthouders in plaats van de turf en het hout die voorgaande rectoren in het verleden genoten hebben. En nog eens 100 gulden per 3 maanden te betalen door de rentmeester van de voornoemde school uit de middelen en de inkomsten van de scholengemeenschap. Dit is opgeteld 850 gulden. Daarbij komt nog het schoolgeld van zijn ofwel de hoogste school en tot slot nog 10 gulden van de stadstoezichthouders waarvan hij het woonhuis, dat hij om niet zal bewonen, plus de school glasdicht moet houden. Zoals die aan hem overgedragen zijn, zal hij die in dezelfde staat, aan het einde van zijn diensttijd moeten terug leveren. Voornoemde rector zal gedurende de voornoemde jaren geen ander rectoraat of ander emplooi mogen aannemen zonder uitdrukkelijke instemming van de heren curatoren en dit alles met goedkeuring van de heren burgemeesters.
[[1]] Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda. 2 november 1711
Het contract is in de vergadering gelezen en
[1] [goedkeuring van het genoemde akkoord] in de marge
37r

aangegaan tusschen de Heeren Curateuren
van de Latynse schoole deser Stad, en Henricus
Arnoldus Westerhovius predicant aangestelt
tot Rector in plaatse van Anthony Fabré
overleden, gelyck het selve geregistreert js
in het thiende stads Register folio 166, waar
op gedelibereert synde js goed gevonden en
verstaan tvoornoemde contract te approberen
en ratificeren gelyck het selve geapprobeert
en geratificeert word by desen.
aangegaan tussen de heren curatoren van de Latijnse school van deze stad en Henricus Arnoldus Westerhovius, predikant, aangesteld als rector in plaats van de overleden Anthony Fabré, zoals het geregistreerd is in het 10e stadsregister folio 166, waar na overleg is goedgevonden en begrepen het voornoemde contract goed te keuren en te ratificeren zoals het bij deze goedgekeurd en geratificeerd wordt.
37v

Corte staet vande Jncomsten
van de scholasterije op gestelt
november 1711
woort jaerlijckx ontfangen vande
turff tonne ƒ 335-0-0
nogh van Rantsoen a 1 stuiver ,, 16-15-0
is gecollecteert vande runetonne 32-5-0
[in de marge Capitallen ƒ 500-0-0]
een rentebrieff van 20 gulden
sjaers op de Erffgenamen van
Hendrick Jacobsz Loij dus ƒ 20-0-0
[in de marge Fol 7243 ƒ 1000-0-0]
een rentebrieff spreckende tot
lasten van 't gemeenelandts
Comptoir van Gouda ter somme
van 1000 gulden rente sjaers ,, 40-0-0
[in de marge 7450 ƒ 750-0-0]
nogh een rentebrieff van 750 gulden
rente sjaers ƒ 30-0-0
[in de marge 4196 ƒ 800-0-0]
nogh een rentebrieff van 800
gulden rente sjaers ƒ 32-0-0
[in de marge 4706 ƒ 700-0-0]
nogh een rentebrieff van 700
gulden rente sjaers ƒ 28-0-0
[in de marge 4965 ƒ 600-0-0]
nogh een rentebrieff van 600
gulden rente sjaers ƒ 24-0-0
[in de marge 6314 ƒ 600-0-0]
nogh een rentebrieff van 600
gulden rente sjaers ƒ 24-0-0
[in de marge 4179 ƒ 800-0-0]
nogh een rentebrieff van 800
gulden rente sjaers ƒ 32-0-0
[in de marge 6198 ƒ 600-0-0]
nogh een rentebrieff van 600
gulden rente sjaers ƒ 24-0-0
[in de marge 3426 ƒ 500-0-0]
nogh een rentebrieff van 500
gulden rente sjaers ƒ 20-0-0
[in de marge 41 ƒ 1000-0-0]
nogh een obligatie van 1000
gulden ten lasten ende Compt
voorseide verscheijnt den 16 september
rente sjaers ƒ 40-0-0
[in de marge 60verso ƒ 1000-0-0]
nogh een obligatie van 1000 gulden
verscheijnt den 1 augustj rente ƒ 40-0-0
[in de marge 84verso ƒ 1000-0-0]
nogh een obligatie van 1000 gulden
verscheijnt den 1 september rente ƒ 40-0-0
-------------------- --------------------
ƒ 9850-0-0 Rente ƒ 779-0-0
Korte staat van inkomsten van de scholengemeenschap, opgesteld in november 1711.
Wordt jaarlijks ontvangen van het turf tonnen ƒ 335-0-0
Plus opgeld à 1 stuiver ƒ 16-15-0
Is ontvangen van het water tonnen ƒ 32-5-0
[in de marge kapitaal ƒ 500-0-0]
een rentebrief van 20 gulden per jaar op de erfgenamen van
Hendrik Jacobsz Loij dus ƒ 20-0-0
[in de marge folio 7243 ƒ 1000-0-0]
een rentebrief ten laste van het gemenelands kantoor van
Gouda een som van 1000 gulden. Rente per jaar ƒ 40-0-0
[in de marge 7450 ƒ 750-0-0]
nog een rentebrief van 750 gulden. Rente per jaar ƒ 30-0-0
[in de marge 4196 ƒ 800-0-0]
nog een rentebrief van 800 gulden. Rente per jaar ƒ 32-0-0
[in de marge 4706 ƒ 700-0-0]
nog een rentebrief van 700 gulden. Rente per jaar ƒ 28-0-0
[in de marge 4965 ƒ 600-0-0]
nog een rentebrief van 600 gulden. Rente per jaar ƒ 24-0-0
[in de marge 6314 ƒ 600-0-0]
nog een rentebrief van 600 gulden. Rente per jaar ƒ 24-0-0
[in de marge 4179 ƒ 800-0-0]
nog een rentebrief van 800 gulden. Rente per jaar ƒ 32-0-0
[in de marge 6198 ƒ 600-0-0]
nog een rentebrief van 600 gulden. Rente per jaar ƒ 24-0-0
[in de marge 3426 ƒ 500-0-0]
nog een rentebrief van 500 gulden. Rente per jaar ƒ 20-0-0
[in de marge 41 ƒ 1000-0-0]
nog een obligatie van 1000 gulden
ten laste van genoemd kantoor.
Rente per jaar vervalt 16 september ƒ 40-0-0
[in de marge 60verso ƒ 1000-0-0]
nog een obligatie van 1000 gulden.
Rente vervalt 1 augustus ƒ 40-0-0
[in de marge 84verso ƒ 1000-0-0]
nog een obligatie van 1000 gulden.
Rente vervalt 1 september ƒ 40-0-0
-------------------- --------------------
ƒ 9.850-0-0 Rente f 779-0-0
38r

Vergadering van de Heeren
scholarchen gehouden den 14
Maart 1712 present de Heeren
de grande, van Abbesteeg,
Lestevenon en vander dussen
[[1]] Js naar voorgaande deliberatie goed gevonden
en verstaan aan de Heeren Burgermeesteren
kennisse te geven van het afsterven van den
conrector Richard Ketel, en haar Edell groot Achtbaren
te versoecken authorisatie, tot het despicieren
van een ander bequaam persoon mitsgaders om
met hem te accorderen op approbatie van haar Edel
groot Achtbaren.
Vergadering van de Heeren
scholarchen gehouden den
16 maart 1712 present de
Heeren de grande van Abbesteeg
Lestevenon, en vander dussen
[[2]] Js gelesen de authorisatie van de Heeren
Burgermeesteren tot het despicieren en beroepen
van een bequaam persoon tot Conrector inde
Latynse schoole in plaatse van Richard ketel
overleden, Luydende als volgt
Extract uyt het Camerboeck
der stad gouda
[[3]] De Heeren Curateuren en scholarchen hebben ter Camere
van de Heeren Burgermeesteren kennisse gegeven
van het afsterven van den Conrector van de Latynse
scholen deser stad Richardus ketel en daar benevens
aangetoont de noodsaackelyckheyd van spoedig de
voornoemde plaatse te suppleren; waarop gedelibereert
wesende js goed gevonden en verstaan de gemelde Heeren
Curateuren en scholarchen te authoriseren, gelyck
deselve geauthoriseert worden by desen om een
bequaam persoon te despicieren tot de voornoemde
[1] [de Conrector / Ketel overleden] in de marge
[2] [authorisatie / tot het aan / stellen van een / ander Conrector] in de marge
[3] [Conrector / Ketel doot] in de marge
Vergadering van de heren schoolbestuurders op 14 maart 1712. Present de heren De Grande, Van Abbesteech, Lestevenon en Van der Dussen.
[[1]] Er is na voorafgaand overleg goedgevonden en begrepen om aan de heren burgemeesters te laten weten dat conrector Richard Ketel is overleden. En haar Edelgrootachtbaren te verzoeken een volmacht te verlenen om een ander geschikte persoon te zoeken en met hem een overeenkomst te treffen na goedkeuring van haar Edelgrootachtbaren.
Vergadering van de heren schoolbestuurders gehouden op 16 maart 1712. Present de heren De Grande, Van Abbesteech, Lestevenon en Van der Dussen.
[[2]] Men heeft de machtiging gelezen van de heren burgemeesters om een geschikt persoon te zoeken en te beroepen voor het ambt van conrector op de Latijnse school in plaats van de overleden Richard Ketel. Die luidt als volgt:
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda
[[3]] De heren curatoren en schoolbestuurders hebben in de kamer van de heren burgemeesters laten weten dat de conrector van de Latijnse school van deze stad, Richard Ketel gestorven is. En daarbij is aangetoond dat het noodzakelijk was om de voornoemde plaats snel in te vullen. Waar na overleg is goedgevonden en verstaan de genoemde heren curatoren en schoolbestuurders te machtigen, zodat deze meteen gemachtigd worden om een geschikte persoon te zoeken voor de eerder genoemde
[1] [De conrector Ketel overleden] in de marge
[2] [Volmacht voor het aanstellen van een andere conrector] in de marge
[3] [Conrector Ketel dood] in de marge
38v

conrectorsplaatse, en den selven te beroepen
op Approbatie van Burgermeesteren
actum by de Heeren Burgermeesteren den 15 Maart
1712
Vergadering gehouden
by de Heeren scholarchen
den 16 Maart 1712 des voor de middags
present de Heeren de grande,
van Abbesteeg Lestevenon, en
van der dussen.
[[1]] volgens de authorisatie van de Heeren
Burgermeesteren hier boven geregistreert
hebben de Heeren Curateuren en scholarchen
beroepen tot Conrector in de Latynse schoolen johan
Reynier Stippius in plaatse van richardus ketel
overleden, en js den Heer van der dussen versoght
van het voornoemde beroup kennisse te geven aan den
Heeren Burgermeesteren, en derselver approbatie te
versoecken.
Vergadering gehouden by de
Heeren scholarchen den 16 Maart
1712 des nademiddags. present
de Heeren de grande, van
Abbesteeg, Lestevenon, en van der
dussen.
Js gelesen de approbatie van het beroup van johan Reynier
stippius tot Conrector in plaatse van Richard Ketel
luydende als volgt
Extract uyt het Camerbouck
der stad Gouda.
agtervolgens de authorisatie van den 15 deser maand
hebben de Heeren scholarchen op approbatie van den Heeren
Burgermeesteren in plaatse van richardus ketel tot Conrector
in de Latynsche schoolen gedespicieert en beroepen johan
Reynier Stippius. Waar op gedelibereert wesende
js goed gevonden en verstaan den Heeren scholarchen
te authoriseren om de voornoemde persoon tot Conrector
ann te stellen, actum den 16 maart 1712 by de heeren
Burgermeesteren
[1] [Reinier Stippius / Conrector] in de marge
plaats voor een conrector en deze te beroepen na goedkeuring van de burgemeesters. Akte van de heren burgemeesters op 15 maart 1712.
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurders op 16 maart 1712 in de ochtend. Present waren de heren De Grande, Van Abbesteech, Lestevenon en Van der Dussen.
[[1]] Ten gevolge van de machtiging van de heren burgemeesters die hiervoor is vastgelegd, hebben de heren curatoren en schoolbestuurders beroepen als conrector op de Latijnse school Johan Reynier Stippius in plaats van de overleden Richard Ketel. Men verzoekt de heer Van der Dussen het vermelde beroep kenbaar te maken bij de heren burgemeesters en om hun goedkeuring te vragen.
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurders op 16 maart 1712 in de middag. Present waren de heren De Grande, Van Abbesteech, Lestevenon en Van der Dussen.
Men heeft de goedkeuring gelezen van de aanstelling van Johan Reynier Stippius als conrector in plaats van Richard Ketel. Die luidt als volgt:
Uittreksel uit het Kamerboek van Gouda.
Volgens de machtiging van de 15e van deze maand hebben de heren schoolbestuurders ter goedkeuring van de heren burgemeesters in plaats van Richard Ketel als conrector op de Latijnse school gevonden en aangesteld Johan Reynier Stippius. Waarop men, na overleg, heeft goedgevonden en begrepen de heren schoolbestuurders te machtigen om de hiervoor genoemde persoon aan te stellen. Waarvan akte op16 maart 1712, door de heren burgemeesters.
[1] [Reynier Stippius conrector] in de marge
39r

Corte staet vande jncomsten vande
scholasterije op gestelt 7 julij 1714
woort jaerlijckx ontfangen vande
turff tonne ƒ 335-0-0
[in de marge Capitallen ƒ 500-0-0]
nogh van Rantsoen a 1 stuiver ,, 16-15-0
is gecollecteert van de rune tonne ,, 41-1-0
huijshuer van 't voorste huijs ,, 36-0-0
nogh van 't huijsingh in 't Closter ,, 11-10-0
een rentebrieff van 20 gulden
sjaers op de Erffgenamen van
hendrick Jacobsz Loij dus ,, 20-0-0
[in de marge Fol 7243 ƒ 1000-0-0]
een rentebrieff sprickende tot
lasten van 't gemeenelandts
Comptoir van Gouda ter somme
van 1000 gulden rente sjaers ,, 40-0-0
[in de marge 7450 ƒ 7500-0-0]
nogh een rentebrieff van 750
gulden rente sjaers ,, 30-0-0
[in de marge 4196 ƒ 800-0-0]
nogh een rentebrieff van 800
[[1]] gulden rente sjaers ,, 32-0-0
[in de marge 4706 ƒ 700-0-0]
nogh een rentebrieff van 700
gulden rente sjaers ,, 28-0-0
[in de marge 4965 ƒ 600-0-0]
nogh een rentebrieff van 600
gulden rente sjaers ,, 24-0-0
[in de marge 6314 ƒ 600-0-0]
nogh een rentebrieff van 600
gulden rente sjaers ,, 24-0-0
[in de marge 4179 ƒ 800-0-0]
nogh een rentebrieff van 800
gulden rente sjaers ,, 32-0-0
[in de marge 6198 ƒ 600-0-0]
nogh een rentebrieff van 600
gulden rente sjaers ,, 24-0-0
[in de marge 3426 ƒ 500-0-0]
nogh een rentebrieff van 500
gulden rente sjaers ,, 20-0-0
[in de marge 3170 ƒ 1600-0-0]
nogh een rentebrieff van 1600
gulden rente sjaers ,, 64-0-0
[in de marge 41 ƒ 1000-0-0]
nogh een obligatie van 1000
gulden ten lasten ende Compt
voorseide verscheijnde den 16 september
rentende sjaers ,, 40-0-0
[in de marge 60verso ƒ 1000-0-0]
nogh een obligatie van 1000
gulden verscheijnt 1 augustj rente ,, 40-0-0
[in de marge 87verso ƒ 1000-0-0]
nogh een obligatie van 1000
gulden verscheijnt den 1 september rente ,, 40-0-0
-------------------- --------------------
ƒ 11450-0-0 £ 899-6-0
[1] [Al deze twee brieven / in een transport] in de marge
Korte staat van de inkomsten van de scholengemeenschap opgetekend op 7 juli 1714.
Er wordt jaarlijks ontvangen van het turf tonnen f 335-0-0
[in de marge Kapitaal ƒ 500-0-0]
Nog opgeld a 1 stuiver ,, 16-0-0
Is ontvangen van het water tonnen ,, 41-1-0
Huur van het voorste huis ,, 36-0-0
Nog van het huis in het klooster ,, 11-10-0
Een rentebrief van 20 gulden per jaar
op de erfgenamen van Hendrick Jacobsz Loij dus ,, 20-0-0
[in de marge folio 7243 ƒ 1000-0-0]
een rentebrief ten laste van het
gemenelands kantoor van Gouda
Ter grootte van 1000 gulden. Rente per jaar ,, 40-0-0
[in de marge 7450 ƒ 7500-0-0]
[[1]] Nog een rentebrief van 750 gulden. Rente per jaar ,, 30-0-0
[in de marge 4196 ƒ 800-0-0]
Nog een rentebrief van 800 gulden. Rente per jaar ,, 32-0-0
[in de marge 4706 ƒ 700-0-0]
Nog een rentebrief van 700 gulden. Rente per jaar ,, 28-0-0
[in de marge 4965 ƒ 600-0-0]
Nog een rentebrief van 600 gulden. Rente per jaar ,, 24-0-0
[in de marge 6314 ƒ 600-0-0]
Nog een rentebrief van 600 gulden. Rente per jaar ,, 24-0-0
[in de marge 4179 ƒ 800-0-0]
Nog een rentebrief van 800 gulden, Rente per jaar ,, 32-0-0
[in de marge 6198 ƒ 600-0-0]
Nog een rentebrief van 1600 gulden. Rente per jaar ,, 24-0-0
[in de marge 3426 ƒ 500-0-0]
Nog een rentebrief van 500 gulden. Rente per jaar ,, 20-0-0
[in de marge 3170 ƒ 1600-0-0]
Nog een rentebrief van 1600 gulden. Rente per jaar ,, 64-0-0
[in de marge 41 ƒ 1000-0-0]
Nog een obligatie van 1000 gulden ten laste van het
Kantoor die vervalt op 16 september. Rente per jaar ,, 40-0-0
[in de marge 60verso ƒ 1000-0-0]
Nog een obligatie van 1000 gulden
vervalt 1 augustus. Rente ,, 40-0-0
[in de marge 87verso ƒ 1000-0-0]
Nog een obligatie van 1000 gulden
vervalt 1 september. Rente ,, 40-0-0
-------------------- --------------------
ƒ 11.450-0-0 £ 899-6-0
[1] [Al deze 2 brieven in 1 transport] in de marge
39v

Vergadering gehouden
by de Heeren scholarchen
den 13 Augustj 1714 present
alle de Heeren.
[[1]] Syn gehoort, opgenomen en geslooten
de Reeckeningen van ontfangh en uytgaaf
van de goederen en incomsten van de
scholastery over de jaren 1711. 1712 en 1713.
1
[[2]] Is naer voorgaende deliberatie goed gevonden
ende verstaen dat geen vergulde penningen
die gegeven werden aende studenten, uyt
dese schoolen gepromoveert werdende tot de
Accademische studien, sullen werden gemaekt
als met consent van de Heeren scholarchen, en
dat die penningen niet hooger sullen mogen
Loopen, als op vyfthien guldens eenige
stuyvers onbegrepen; en sal den Rector inden
tyd de Heeren scholarchen tydelyck kennisse
geven, als soodanige penningen gerequireert
sullen werden
2
[[3]] Dat de Heeren scholarchen selfs sullen reguleren
het getal der prysen, en de soorten van boeken
die aen de discipulen gegeven sullen werden
ten tyde vander selver promotien, vande
lager Classe tot de Hooger en dat na ingenomen
advis vanden Rector, die oock gelast werd
reguard te nemen, dat de voorseide boeken voor
een redelycke prys gelevert werden.
3
[[4]] dat den rector Conrector en Preceptoren, de
studenten en discipulen inde Latynsche taele
sullen examineren
[1] [Reeckeningen 1711 / 1712 / 1713] in de marge
[2] [vergulde penning / by de promotie] in de marge
[3] [Prijzen] in de marge
[4] [inde latynse Taal / te examineren] in de marge
Vergadering gehouden door de heren schoolbestuurders op 13 augustus 1714. Alle heren waren present.
[[1]] men heeft de rekeningen van de ontvangsten en uitgaven van de goederen en inkomsten van de scholengemeenschap over de jaren 1711, 1712, en 1713 gehoord, opgenomen en afgesloten.
1
[[2]] Men heeft na voorafgaand overleg goedgevonden en begrepen dat er geen vergulde penningen gegeven zullen worden aan de studenten als die van deze school promoveren naar een studie aan de academie zonder toestemming van de heren schoolbestuurders en dat de penningen niet meer mogen kosten dan 15 gulden afgezien van enige stuivers. Bovendien zal de dienstdoende rector de heren schoolbestuurders tijdig op de hoogte brengen als dergelijke penningen vereist worden.
2
[[3]] Dat de heren schoolbestuurders zelf het aantal prijzen zullen vaststellen en de soort boeken die aan de leerlingen gegeven zullen worden als die overgaan van een lagere naar een hogere klas en dat op advies van de rector. Die kreeg ook de opdracht erop toe te zien dat de hiervoor genoemde boeken voor een redelijke prijs geleverd worden.
3
[[4]] Dat de rector, conrector en preceptoren, de studenten en leerlingen in het Latijn zullen examineren.
[1] [Rekeningen 1711, 1712, 1713] in de marge
[2] [Vergulde penning bij de overgang naar een academie] in de marge
[3] [prijzen] in de marge
[4] [In het Latijn te examineren] in de marge
40r

4.
[[1]] Dat den conrector of ymand vande preceptoren
volgens een ordre onder haer te beramen inde
schoolen sal blyven, tot dat den schrijfmeester
in deselve sal gecomen syn, die oock gelast
werd precise te comen op het gestelde uur
5
[[2]] Dat noch Conrector nog preceptoren nog
studenten of discipulen, in de schoolen sullen
komen met Japansche rokken, maer alle
in haer ordinaris en decente kleedingen
6
[[3]] Ddat den Rentmeester in syn Reeckeningen sal
observeren te brengen preciselyck de lasten
van yder Jaer, gevallen sedert het sluyten
der laeste reeckeninge tot de dagh van het
sluyten der volgende Reeckeninge
[[4]] Is naar voorgaende deliberatie goed gevonden
ende verstaen, aende Weduwe vande Rectoir
fabre toe te voegen een hondert guldens
in erkentenisse dat sy na het overlyden
van haer Man de opsight op de schoolen
gehad heeft, en inde huysinge is gebleven
tot de overcomste vanden Rector
Westerhovius, mitsgaders tot extinctie
van hare pretentien tot huyden toe, sonder
dat het selve voor het toecomende in
consequentie sal mogen getrocken, of
geallegeert werden, en wert de Rentmeester
gelast de voorseide 100 gulden aen haer te betalen.
[1] [de preceptoren / te blyven in de / schoolen tot dat / de Schryfmeester comt / de Schryfmeester op / het gestelde uur / te komen.] in de marge
[2] [preceptoren / nog studenten / school te komen / met Japanse / rocken.] in de marge
[3] [in yder jaar / in Reeckening te brengen / de lasten van het selfder jaar.] in de marge
[4] [aan de Weduwe van den / rector fabré / te geven ƒ 100 gulden] in de marge
4
[[1]] Dat de conrector of iemand van de preceptoren op een door henzelf te bepalen volgorde in de school zal blijven totdat de schrijfschoolmeester is gekomen, die ook de opdracht krijgt precies op tijd te komen.
5
[[2]] Dat noch de conrector of iemand van de preceptoren noch studenten of leerlingen op de school in een kamerjas komen, maar dat iedereen in zijn gewone en decente kleding komt.
6
[[3]] Dat de penningmeester erop toeziet dat hij de rekeningen nauwkeurig ten laste van ieder jaar laat komen vanaf het sluiten van de laatste rekening tot aan de dag dat hij de volgende rekeningen afsluit.
[[4]] Er is na voorafgaand overleg goedgevonden en begrepen dat aan de weduwe van rector Fabré 100 gulden wordt betaald als dank, omdat zij na het overlijden van haar man het toezicht op de school gehad heeft en in het huis is gebleven tot de overkomst van rector Westerhovius. Dit om haar aanspraken tot op heden te vereffenen zonder dat dit in de toekomst consequenties zal hebben of als zodanig zal worden opgevoerd. De penningmeester kreeg de opdracht de eerdergenoemde 100 gulden aan haar te betalen.
[1] [De leraren blijven in de school totdat de schrijfmeester komt, de schrijfmeester dient op het afgesproken uur te komen] in de marge
[2] [leraren noch studenten mogen in Japanse rok op school komen] in de marge
[3] [In elk jaar de lasten van dat jaar in rekening te brengen] in de marge
[4] [ƒ 100 aan de weduwe van rector Fabré te geven] in de marge
40v

[[1]] Is na voorgaende deliberatie goed gevonden
aen te coopen een Rentebrief van 1300 gulden
hooftsomme ten laste van het gemeenlands
comptoir hier ter stede tot 82 Percento vry
van alle lasten voor den vercooper
Vergadering van de Heeren
scholarchen gehouden den
4 November 1716 present de
Heeren de grande van
Abbesteeg, van der dussen
en van Bleskensgrave.
[[2]] Syn gehoort, opgenomen en geslooten de
Reeckeningen vande scholasterye van de
jaaren 1714 en 1715 ingegaan.
Js na voorgaande deliberatie goed gevonden
[[3]] en verstaan aan te koopen een Losrentebrief
van duysent guldens capitaal ten laste van het
gemeene Lands Comptoir hier ter steede ten
minste pryse doenlyck
Vergadering gehouden den
14 May 1717 present de
Heeren de grande, van
Bleskensgrave van der dussen
en Abbesteeg.
[[4]] Js na voorgaande deliberatie goed gevonden
en verstaan aan den Rector Westerhovius
toe te vougen hondert guldens jaarlycx tot
verbetering van syn Tractement in te gaan
met den eersten Augustj 1716 laastleden
[1] [Js aangekogt / een rentebrief / van 1300 guldens] in de marge
[2] [Rekeningen 1714 / 1715] in de marge
[3] [Js aangekogt / een rentebrief van / 1000 guldens] in de marge
[4] [aan den Rector / hondert guldens / augmentatie van / Tractement] in de marge
[[1]] Men heeft na voorafgaand overleg goedgevonden om een rentebrief aan te kopen met een hoofdsom van 1300 gulden ten laste van het gemenelands kantoor van deze stad tot 82% vrij van alle lasten voor de verkoper.
Vergadering van de heren schoolbestuurders gehouden op 4 november 1716. Present de heren De Grande, Van Abbesteech, Van der Dussen en Van Bleskensgrave.
[[2]] Men heeft gehoord, opgenomen en afgesloten de rekeningen van de scholengemeenschap over de jaren 1714 tot en met 1715.
[[3]] Men heeft na voorafgaand overleg goedgevonden en begrepen dat men een losrentebrief met een kapitaal van 1000 gulden aankoopt ten laste van het gemenelands kantoor hier ter stede, als de prijs niet te hoog is.
Vergadering gehouden op 14 mei 1717. Present de heren De Grande, Van Bleskensgrave, Van der Dussen en Abbesteech.
[[4]] Men heeft na voorafgaand overleg goedgevonden en begrepen dat men aan rector Westerhovius jaarlijks 100 gulden betaalt om zijn salaris te verbeteren, met ingang van 1 augustus 1716.
[1] [men heeft een obligatie gekocht van 1300 gulden] in de marge
[2] [Rekeningen 1714, 1715] in de marge
[3] [Men heeft een obligatie gekocht van 1000 gulden] in de marge
[4] [Voor de rector 100 gulden verhoging van zijn salaris] in de marge

